De Perzen; strijders en dichters
Foto: Wereldmuseum Rotterdam

De Perzen; strijders en dichters

Ik wil vervoerd worden, verder kijken dan mijn neus lang is. Willen we dat niet allemaal? Nou zijn de Efteling, het Amsterdam Dance Event of de Zwarte Cross niet zo aan mij besteed. Ook krijs ik mijn keel niet schor tijdens een wedstrijd van SC Heerenveen, om maar wat te noemen. Films, boeken en musea zijn meer ‘mijn ding’ en overstijgen mijn eigen wereld. In die andere wereld lijk ik niet op mij, heb ik het gevoel dat ik even aan mezelf kan ontsnappen. Erg lekker!

Zo dook ik onlangs onder in de tentoonstelling ‘De Perzen; strijders en dichters’ in het Wereldmuseum in Rotterdam. De vroegere bewoners dus van het gebied dat we tegenwoordig Iran noemen. Buiten vloeiden de Maas en de grijze lucht bijna in elkaar over, binnen kwam ik terecht in een betoverende wereld van heroïsche veldslagen en paradijselijke tuinen. Ik was er op uitnodiging van Mark Hoos, lid van de remonstrantse gemeente in Rotterdam (zie achterpagina). Hij is gastconservator van de tentoonstelling en schreef de prachtig uitgegeven catalogus.

Liefde = schoonheid = God

Veel zwaarden, dolken, schilden, helmen, harnassen en ruiters te paard. Niks mis mee, de een nog mooier versierd en ingelegd dan de andere. De koraninscripties, de symbolen en de edelstenen op de wapens getuigen van het hogere doel  en de wens om goddelijke zegening aan te trekken. Nog mooier vond ik echter de ‘dichterlijke kant’ van de Perzische cultuur: prachtige gekalligrafeerde koranteksten, laktableaus, weefsels en aardewerk vol symboliek, vooral gebaseerd op het Perzisch soefisme. Afkomstig uit een tijd (1501-1736) dat de Perzische cultuur en wetenschap ons in het Westen ver vooruit was. Dat soefisme is de mystieke stroming van de islam die gekenmerkt wordt door een intens verlangen van de menselijke ziel naar hereniging met God. In het scheppingsverhaal dat in het kader hiernaast staat, vinden we iets van de essentie van deze mystiek terug. Schoonheid ervaren in kunst (bijvoorbeeld in dichtkunst en muziek) en voorwerpen is de weg terug naar God, is dat wat in ons mensen harmonie schept. In het moment vlak voor de hereniging met God ziet de menselijke ziel in het hele universum niets dan schoonheid. Kalligrafie is voor de Perzen de ‘moeder aller kunsten’. Het schrift is immers de drager van Gods woord, de Koran, en ook de drager van de grote Perzische dichtkunst.

Perzische betovering

Kijk naar de miniaturen en je ziet een perspectief dat niet van deze wereld, maar van een hogere werkelijkheid is. De nachtelijke sterrenhemel zie je weerspiegeld in de geometrische tegelpatronen. Paradijselijke tuinen zijn onderwerp van poëzie en schilderkunst. Overvloedig water en weelderige plantengroei zijn een luxe in de hete en droge wereld van het Midden-Oosten. Niet zo verwonderlijk dat stromend water en schaduwrijke vegetatie symbool staan voor het hemels paradijs. Vaak zien we op afbeeldingen de altijdgroene cipres die symbool staat voor het eeuwige leven, voor de veerkracht van ons mensen en voor de gracieuze heupen van de geliefde.

Twee verdiepingen vol exotische vervoering, een ideaal ontsnappingsmoment voor grijze Nederlandse winterdagen.

Michel Peters
Projectmedewerker bij de Remonstranten

De tentoonstelling ‘De Perzen; strijders en krijgers’ is tot en met 28 maart 2016 te zien in het Wereldmuseum, Willemskade 22-25 in Rotterdam

 

[kader]
Scheppingsverhaal uit de Arabisch-Perzische traditie

(catalogus p. 53-54) ‘Heel lang geleden, nog voordat er zoiets als tijd bestond, was er alleen God: oneindig volmaakt licht, waarheid, schoonheid, wijsheid, liefde, majesteit, en nog veel meer. Het soefisme leert dat God besefte dat hij een Verborgen Schat was en een diep verlangen had gekend te worden. Met een zucht van verlangen ademt God uit en schept met zijn uitademing het universum, de kosmische oerknal. Opeens zijn er overal delen van God en kan God zichzelf ervaren. De Perzische mystiek vat dat in het beeld van een pauwenstaart die zich openvouwt, in de blauwe ‘ogen’ van de pauwenstaart kan God zijn eigen schoonheid aanschouwen.  Ook ieder mens is een fragment van God. Hoe komt het dan dat mens-zijn lang niet altijd even goed voelt? Dat komt omdat de spiegels die wij zijn, waarmee wij Gods licht reflecteren, zijn gaan roesten. Een beeld uit een andere tijd: vroeger waren spiegels van gepolijst metaal. Om het licht te reflecteren moeten we goed voor onze innerlijke spiegel zorgen, ons hart. Ook hier weer is licht kennis: ‘wie zichzelf kent, kent zijn Heer’’. 

Zie ook