19 januari 2017

Laat vluchtelingen in Libanon niet aan hun lot over!

Geschreven door Michel Peters
Actueel Foto: UK Department for Int. Development Laat vluchtelingen in Libanon niet aan hun lot over!

‘De meeste vluchtelingen uit Syrië zijn in Turkije en Libanon terecht gekomen’, zegt remonstrant Ruud Niewold. ‘In Libanon is een kwart van de bevolking vluchteling. Wij hebben het beeld dat vluchtelingen in tentenkampen wonen maar dat geldt in Libanon maar voor 15 – 17 procent van de gevallen. De rest van de vluchtelingen woont in oude winkels of half-afgebouwde flats in de steden. In Beiroet is de situatie beroerd. Mensen leven nog met en naast elkaar, maar hoe lang dat goed gaat? Vluchtelingen zijn daar dus een stedelijk probleem.’

Ruud nam onlangs deel aan een vijfdaagse studiereis naar Libanon georganiseerd door het landelijke bureau van D66. Doel van de reis was om te bestuderen hoe de befaamde ‘opvang in de regio’ functioneert. De groep deed Beiroet aan en Tyre in Zuid-Libanon. Zij spraken daar met vluchtelingen zelf, met vluchtelingenorganisaties, met NOS-correspondent Sander van Hoorn, met een Libanese journalist en met lokale bestuurders. Andere delegaties reisden naar Turkije, Lesbos en Marokko. Ruud is lid van de gemeenteraad voor D66 in Woerden en vriend van de Geertekerk in Utrecht.

Overvol kamp

‘Een bijzondere groep vluchtelingen zijn de Palestijnse vluchtelingen’, zegt Ruud. ‘Een bezoek aan hen maakte de meeste indruk op me. Eens woonden zij op een vierkante kilometer buiten de stad Beiroet, maar omdat de stad zo enorm groeit, zitten ze nu middenin de stad. In 2012 woonden daar 16.000 mensen, nu zijn het er 50.000. Een stad zo groot als Woerden, moet je nagaan! Mensen wonen letterlijk bovenop elkaar. Ze kunnen het kamp niet uit want ze zijn illegaal en lopen het risico om opgepakt en teruggestuurd te worden. In het Zuiden is onlangs een kamp van Palestijnse vluchtelingen ommuurd nadat er onderlinge gevechten waren uitgebroken.’

‘Van de overheid valt weinig te verwachten. Het land is een lappendeken van etnische en religieuze groeperingen en heeft er zojuist twee en een half jaar over gedaan om een president te kiezen. Er is veel corruptie bovendien. Hulp kan alleen op regionaal en lokaal niveau georganiseerd worden. Dat doen de UNHCR, christelijke organisaties en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten dan ook. In Zuid Libanon heeft Hezbollah de controle. UNHCR werkt met hen samen. Onderwijs en gezondheidszorg zijn er goed, maar onduidelijk is hoe het gaat als Hezbollahstrijders uit Syrië terugkomen.’

Vluchtelingen moeten kans krijgen om eigen leven weer op te bouwen

‘Wij trokken drie lessen uit onze reis. De eerste is dat de oorlog in Syrië dan misschien wel voorbij is, maar dat de problemen die die oorlog heeft veroorzaakt nog heel lang aandacht vragen. Vervolgens, ik zei het al, leerden wij dat het vluchtelingenprobleem zich concentreert in de steden. En ten slotte: meer geld van de internationale gemeenschap is nodig om de nood van deze vluchtelingen te lenigen. Die aanbevelingen moeten zich politiek gaan vertalen in het beleid van D66. Maar mijn insteek is dat vluchtelingen mensen zijn met kennis en expertise. Wij  moeten in hen investeren zodat ze zo snel mogelijk weer op eigen benen kunnen staan. Dat geldt voor Nederland en in de regio waar zij worden opgevangen. Snelle beslissingen zonder bureaucratisch oponthoud helpen daarbij. Ik kwam al Syrische vluchtelingen tegen die met behulp van micro-financiering een naaiatelier waren begonnen. Gelukkig is er altijd hoop.

Over Michel Peters

Michel Peters

Michel Peters (1962) werkt als projectmedewerker bij de Remonstranten. Hij studeerde Nederlands en werkte voorheen als senior beleidsmedewerker bij de mensenrechtenorganisatie Justitia et Pax.

Gerelateerd