Minder doen, meer diepgang

Minder doen, meer diepgang

Nu ben ik aan de beurt. Dat was mijn eerste gedachte toen ik vorig jaar kampte met vermoeidheidsklachten die niet gelijk over gingen na een weekje rustig aan doen. Al eerder hoorde ik van collega’s die de diagnose burn-out hadden gekregen. Niet zelden waren ze langdurig uit de running. Destijds leek dat voor mij nog een ver van mijn bed show. Ja, ik werkte hard in twee gemeentes, maar altijd met plezier. Bovendien was er eigenlijk nooit gedoe op mijn werkplekken en heb ik altijd veel aangekund. Dat die instelling, in combinatie met een flinke dosis calvinistisch plichtsbesef, vooral een risicofactor is, daar stond ik niet echt bij stil. Maar op een gegeven moment kon ook ik er niet meer omheen: het was me allemaal te veel geworden. Zo zat ik op zeker moment in de spreekkamer van mijn huisarts. Overigens was ik er nog redelijk op tijd bij. Nog niet burn-out, maar als ik zo doorging zou dat zeker wel gebeuren, luidde het oordeel. Het advies? Voorlopig even werken op halve kracht. Rust nemen dus. En vooral: reflecteren op mijn manier van werken om in de toekomst een betere balans te vinden.

Ik vond dat allebei nog niet zo eenvoudig. Ja, ik merkte dat de rust mij goed deed, maar voelde me ook schuldig, hoezeer beide kerkenraden mij ook op het hart drukten de tijd te nemen. Dat ik daar zo’n moeite mee had, legde natuurlijk gelijk een kern van het probleem bloot. Een oplossing voor de lange termijn bedenken (en implementeren!) bleek ook best lastig. Hoewel dit een heel particulier relaas lijkt, denk ik dat veel predikanten hier last van hebben. Het werk in de gemeente is nooit af, we hebben te maken met heel diverse verwachtingen, elke preek moet boeiend en inhoudelijk zijn en er doen zich voortdurend meer of minder urgente situaties voor die we niet kunnen plannen. Allemaal aspecten die het predikantschap een risicovol beroep maken wat overspannenheidsproblematiek betreft. Tel daar het karakter van de gemiddelde dominee bij op (we hebben misschien nog net geen Jezus-complex, maar voelen ons wel voortdurend geroepen om er te zijn) en het mag een wonder heten dat niet het halve predikantencorps voortdurend in de wachtkamer van de dokter zit.

Rust, ruimte en mijmertijd
Toen ik na drie maanden weer volledig aan het werk ging, nam ik me voor het niet meer zo ver te laten komen. Ik ben strenger geworden in mijn agenda-beheer, probeer op tijd rust te nemen en zo af en toe waag ik me zelfs aan een zelfhulpboek. In dat kader schafte ik onlangs een boek aan met de veelbelovende titel: Slow Productivity, de kunst van het presteren zonder burn-out. Ik vond het op de boekenverkooptafel bij de dag van de Bond van Nederlandse Predikanten. Blijkbaar zijn we als beroepsgroep inderdaad de doelgroep voor dit soort literatuur. Overigens richt het boek zich niet alleen op dominees: het is bedoeld voor alle kenniswerkers. Dat wil zeggen: mensen die (een deel van) hun werk met hun hoofd doen. Dat werk is gebaat bij rust, ruimte en mijmertijd. Hoe voller kenniswerkers hun agenda proppen, hoe meer dat ten koste gaat van de kwaliteit van hun werk.

Al lezend realiseerde ik me weer hoe zeer het predikantschap een vak is waar studie, bezinning en creativiteit de pijlers van zijn. Precies die aspecten die tijd nodig hebben.  Tijd die onder druk staat, omdat er ook zoveel andere dingen moeten. Omdat onze agenda’s vollopen met vergaderingen, huisbezoeken en kringen. Begrijp me goed, ik vind dat heel belangrijke aspecten van het gemeente-zijn. Maar het gevaar is wel dat al die meer planbare kanten van het werk de ruimte innemen van dat wat niet te plannen is. Met het risico dat er geen oningevulde tijd overblijft waarin iets nieuws of iets verdiepends kan ontstaan. Wanneer die tijd er niet meer is, gaat het mis. Dan zullen onze preken en artikelen inleveren op diepgang en kwaliteit, dan hebben we minder te geven en raken we als predikanten inderdaad één voor één in een burn-out.

Kwaliteit delft het onderspit
Het boek van Cal Newport geeft een scherpe analyse van de manier waarop we ons werk zijn gaan inrichten. Door te doen of kenniswerk op dezelfde manier benaderd kan worden als fabricageprocessen, hebben we een werkwijze gecreëerd waarbij de kwaliteit het onderspit delft. Simpel gezegd: we doen veel en zijn heel druk, maar het meeste komt niet verder dan de oppervlakte. Gelukkig biedt Newport ook inspiratie om het anders te doen. En vooral om minder te doen, want dat maakt ons uiteindelijk beter in ons werk en ook nog eens meer in balans als mens. Wie benieuwd is naar zijn praktische tips, leze vooral dit boek.

En misschien is de kerk wel de uitgelezen plek om de voorhoede te vormen van een beweging waarin we niet alleen zeggen dat ruimte en tijd belangrijk zijn, maar waar we onze boodschap ook zelf vormgeven. Wij leven immers van aandacht, van diepgang en van betekenis die zich alleen kunnen ontvouwen wanneer we niet aan druk en regeldwang ten onder gaan.

Kim de Berg

Zie ook

Een mobiel stiltecentrum
28 februari 2022

Een mobiel stiltecentrum

Arend van Baarsen is geestelijk verzorger bij het LUMC. Hij beschrijft hoe stilte de kern van zijn werk uitmaakt… Lees verder

De vergetelheid: 1979
23 maart 2021

De vergetelheid: 1979

Snuffelend in de kelder vond ik een ‘links doosje’ met brochures van het Interkerkelijk Vredesberaad, Kairos, de Wereldraad van Kerken en andere organisaties, met onderwerpen als: de wapenwedloop; Zuid-Afrika, wij en racisme; kerk en verzet in Namibië; Shell, smeer ‘em!; armoede en afhankelijkheid (over de schuldenlast aan het Westen)… Lees verder