3 september 2018

Bel de dierenbescherming, Marietje heeft vlinders in de buik!

Geschreven door Albert Klok
Inspiratie Foto: Anja Osenberg Bel de dierenbescherming, Marietje heeft vlinders in de buik!

Ik ben geboren uit zonnegloren en een zucht van de ziedende zee,
die omhoog is gestegen, op wieken van regen, gezwollen van wanhoop en wee:
Mijn gewaad is doorweven met parels, die beven, als dauw aan de roos, die ontlook,
wen de dagbruid zich baadt en voor ‘t schuchter gelaat een waaier van vlammen ontplook…
(Jacques Perk, 1859-1881)

Deze tekst stond ooit in een schoolboek voor het vak Nederlands. De tekst ging nog verder, maar ik ben nooit verder gekomen dan dat ontplook. Wat is dat nou voor een woord? Heeft de dichter dat zelf bedacht of zo? Waarom moet ik zulke onzin lezen? Kortom, het riep weerstand op. Ik moet hier nog vaak aan terugdenken, als het gaat over geloof. Ook als we de bijbelverhalen lezen, roepen die vaak weerstand op, omdat er van alles in beschreven wordt dat in het gewone leven helemaal niet kan of niet bestaat.

Wat mijn docent Nederlands destijds niet gelukt is, heb ik later en vooral gaandeweg geleerd; dat er een taal is van de gewone dagelijkse dingen, de taal van concrete voorstellingen, de taal van het nuchtere verstand, maar dat er óók een taal is van ongrijpbare dingen, van emotie, van verbeelding, poëtische taal, beeldspraak, symbooltaal.

Beeldtaal in de bijbel

Geloofstaal beweegt zich voor het overgrote deel in die laatste categorie. Dat betekent, dat we telkens weer moeten beseffen, dat geloofstaal andere dingen kan zeggen dan wij met ons rationele verstand kunnen bevatten. We kennen allemaal de uitdrukking  “Marietje heeft vlinders in de buik”. Niemand die dan op het idee komt om Marietje open te snijden om te kijken of dat waar is. Ook de Dierenbescherming zal geen poging doen om die arme vlinders uit de buik van Marietje te bevrijden. Iedereen begrijpt dat het een beeld is dat een emotie beschrijft. Waarom lukt het dan zo vaak niet om de beeldspraak uit de bijbel op een zelfde manier op te vatten?

Als bijvoorbeeld in het Paasverhaal staat dat het gordijn in de voorhof van de tempel scheurde op het moment dat Jezus stierf, waarom moeten we dat dan ineens voor waar aannemen? In de Joodse context van dat verhaal is het gebruikelijk om na iemands overlijden, als teken van rouw, een klein deel van je kleding te scheuren. Dus als dan het hele gordijn, dat hing tussen het deel van de tempel dat voor iedereen toegankelijk was en het deel dat voor God was gereserveerd, aan flarden gaat, dan is dat een beeld van het enorme verdriet, niet alleen bij mensen, maar ook bij God… De bijbel lezen als poëtische taal, is moeilijk, maar ook wel heel mooi en inspirerend.

Vertaalslag

Alleen, en hier wordt het natuurlijk pas echt ingewikkeld, geloof mag niet blijven hangen in alleen maar poëzie. Ergens, op enig moment, moeten we, vanuit de inspiratie die deze taal ons kan brengen, toch ook weer de vertaalslag maken naar die andere taal, die van de ratio, naar het leven van alledag. Met andere woorden: wat betekent dit nu voor jou in deze concrete situatie? Je gelooft in een God die je niet kunt zien, die geen mens ooit heeft gezien… en dan?

Tja, dan komt het erop aan, waardoor jij je laat inspireren. Hoe en waar herken jij het goddelijke in jouw bestaan? Welke roep heb jij gehoord? Welk appel lees jij in de ogen van de ander? En durven we het aan, om elkaar daarvan te vertellen, of er naar te vragen? Durven we dat gesprek aan, ook als we geen antwoord hebben, als we niet verder komen dan een stamelend “misschien”?

Over Albert Klok

Albert Klok

Albert Klok is remonstrants predikant in Hoogeveen, Meppel.

Gerelateerd