31 juli 2015

Zomaar opstaan in een dienst en ‘Halleluja’ of ‘Amen’ roepen

Geschreven door Joost Wery

Bedachtzaamheid is een mooie eigenschap. Menigeen heeft spijt gekregen van een spontane email, een verkeerde uitspraak, een ondoordachte aankoop. Daar had je beter maar eens over kunnen nadenken, maar nu zit je met de gevolgen. Dat geldt van onbelangrijke zaken, maar des te meer van serieuze, zoals van het geloofsleven. In onze kring wordt dat vaak getypeerd als ‘denkend geloven’. Met de wat bizarre connotatie, dat gelovigen uit andere kerken dat niet zouden doen. Maar goed: een remonstrant die opstaat in een dienst en ‘Halleluja’ roept of ‘Amen’ anders dan wanneer de ‘orde’ van dienst dat voorschrijft, is slecht denkbaar.

Of bedachtzaamheid altijd ‘verstandig’ – zoals de Nieuwe Bijbelvertaling het Griekse woord vertaalt – is, of een rationeel proces is, is de vraag. Je weegt verschillende aspecten van iets af, maar waarom het resultaat van die afweging uitvalt, zoals hij uitvalt, is niet goed na te gaan. Wat wel zeker is, is dat bedachtzaamheid tijd kost, het be-oogde uitstelt, het als het ware in regie neemt. Dat kan heel nuttig en noodzakelijk zijn. Het kan ook zo secuur gebeuren, omdat telkens nieuwe aspecten om overweging zich aandienen, dat, waar het om ging, uit het zicht verdwijnt. Via twijfel en onzekerheid van uitstel naar afstel. ‘Ik ben nog niet zover’, zeggen we dan.

Komt er nog wat van?

In het Nieuwe Testament heeft bedachtzaamheid een andere kleur. Daar laat het be-oogde zich niet onder druk zetten door de afweging, maar wordt die juist onder tijdsdruk gesteld. Daar is de vraag: komt er nog wat van? Of ben je bezig uitvluchten te verzinnen? Het is nu je kans! Het is het soort bedachtzaamheid, dat de reiziger kent, die, wanneer hij Schiphol nadert, gewaarschuwd wordt voor zakkenrollers. Natuurlijk, daar houdt hij dan rekening mee, maar hij stelt zijn reis toch niet uit! Hoe je het keert of wendt, het geloofsleven – naar zijn overtuigingskant en naar zijn handelingskant – blijft een waagstuk. Het be-oogde wordt nagestreefd ‘op goed geluk’ of – minder geseculariseerd gezegd – je rekent op genade.

Je houdt rekening met iets, wat nu eenmaal ons bedenken te boven gaat, maar dat wel degelijk zijn rol mag en moet spelen. En vertrouwen (en zelfs wat zelfvertrouwen!) geeft en hoop. Er zijn ook andere aspecten, die om aandacht vragen. Deze bedachtzaamheid is immers niet zozeer gericht op de betekenis van het resultaat van de afweging voor jezelf als wel voor een ander, die op zijn wijze met zingeving of geloof bezig is. Brengen mijn inzichten hem in verlegenheid? Of heeft hij er wat aan? Kan hij er wat mee? Al remt deze bedachtzaamheid de spontaniteit, hij kent een verborgen doelgerichte emotionaliteit, gewekt door het geloof, ons toebedeeld. We zouden er dankbaar voor moeten zijn.

Over Joost Wery

Joost Wery

Joost Wery (1923) was onder meer remonstrants predikant in Friedrichstadt a/d Eider (D), Oosterbeek, Haarlem en Rotterdam.

Gerelateerd