Het gezicht: Mariëlle Slis – van Royen

Het gezicht: Mariëlle Slis – van Royen

Mariëlle Slis – Van Royen (1971) is per 1 maart voor twee dagen in de week aangesteld als personeelsfunctionaris op het landelijk bureau Remonstranten. Je hoeft haar over dit werk en de organisatie weinig meer te vertellen, want voor die tijd zat zij zes jaar in de CoZa met de portefeuille P&O. En via haar ouders en grootouders is het ‘remonstrant zijn’ haar met de paplepel ingegoten.

Internationaal

Mariëlle: ‘Mijn vader was diplomaat. Als landbouwattachée werkte hij jarenlang op ambassades in het buitenland. Van mijn derde tot mijn veertiende jaar heb ik achtereenvolgens in Libanon, Egypte, Engeland en Zweden gewoond. Een keer per maand kwam er een predikant op die ambassade, daar gingen wij dan naar de kerk. Terug in Nederland hebben mijn ouders zich aangesloten bij de remonstrantse kerk in Den Haag en ik ging braaf mee. Op de Franse school in Den Haag  heb ik mijn baccalauréat gehaald, vervolgens enige tijd psychologie gestudeerd, maar uiteindelijk een HBO-opleiding Personeel en Organisatie in Den Haag afgemaakt. Ik heb lang bij TPG – post gewerkt. Tien jaar geleden ben ik daar gestopt om voor mijn drie kinderen te gaan zorgen. Ze zijn nu 12, 10 en 8 jaar oud.’

Warm nest

Mariëlle: ‘Tijdens mijn studie had ik even geen zin in religie, maar daarna heb ik me bij Arminius aangesloten. Lekker wat minder streng, onder het genot van een biertje praten en geen keurslijf van de kerk, heerlijk! Maar vooral vond ik het fijn om in die kring gesprekken te voeren om mijn geloof te onderzoeken. Later ben ik ook in de kerkenraad van Arminius terecht gekomen.  Mijn man Hein Slis ben ik bij een kerstviering van de remonstranten in Den Haag tegengekomen. Na de dienst raakten we in gesprek…  Vanwege de baan van Hein zijn we later in Apeldoorn gaan wonen, maar in de gemeente daar vonden we niet direct aansluiting. Ik heb daar toen wel de kring ‘Tussen kerk en werk’ opgericht die begeleid wordt door Foeke Knoppers. Allemaal veertigers met kinderen en drukke levens die het heerlijk vinden om eens over wat anders te praten dan over school en clubjes. Vorig jaar ging het over ‘het kwaad’ en dit jaar gaan we het over Marcus hebben.  Omdat Hein ook uit een remonstrants gezin komt hebben we eigenlijk nooit discussie over kerk of geloof. Wij zijn remonstrant, dat is heel vanzelfsprekend. En we willen dat doorgeven aan onze kinderen. Je wordt in onze kerk niet veroordeeld als je eens wat meer afstand neemt, je wordt in je waarde gelaten en mag op zoektocht gaan naar je geloof. Dat creëert voor ons een sterke band.’

Uit je bed komen

Mariëlle: ‘Ik probeer mensen echt te zien en met aandacht te leven. Ik wil hen proberen te begrijpen en daarom moet ik geregeld stil staan, niet oordelen, niet altijd met een antwoord klaar staan. Ook in mijn werk vind ik dat belangrijk. Kinderen dwingen je er toe om die aandacht te geven. Hoe zitten zij in hun vel? Hoe kan ik hen helpen? Zij maken me heel gelukkig, ik geniet van ons gezin en wil samen alles uit het leven halen. Reizen is heerlijk en ik geniet van de vrienden die we hebben.’

Wereldburger

Mariëlle: ‘Dat internationale is deel van mezelf geworden. Ik heb weinig tijd nu, maar ik ga graag naar lezingen over internationale relaties, zoals laatst over Syrië of over Armenië. In Taizé geniet ik ervan om over het geloof te praten met mensen uit alle windstreken. En een bezoekje aan de hamam in Den Haag vind ik ook niet te versmaden. Maar in de kern blijf ik toch erg Hollands. In het vreemde buitenland zocht ik altijd naar het vertrouwde, naar manieren om mijzelf te definiëren. Dat lukte als Hollandse en als remonstrant. Dat is nog steeds mijn houvast.’

 

Michel Peters

 

 

 

 

Zie ook