Column: Er is maar één JC

Column: Er is maar één JC

In deze tijden van ongevraagd ongeluk horen we regelmatig vallen: ‘Elk nadeel heb z’n voordeel’. Wie weet nog dat Nederlands grootste voetballer de geestelijke vader is van deze uitdrukking? Zo gaat dat met goed gevonden woorden. Ze worden gemeengoed.

Johan Cruijff was niet alleen een balkunstenaar, maar ook een taalkunstenaar. Hij praatte snel, intuïtief en associatief. ‘Nummer 14’ speelde met taal als met de bal. In de studio was hij even onnavolgbaar als op het veld. Een man vol tegenstrijdigheden, een man met een verhaal. ‘Jopie’ uit Betondorp verloor zijn biologische vader toen hij 12 was, zijn stiefvader toen hij 33 was. Zijn bekendste uitspraak heeft alles met die bijbelse getallen te maken.

De doop van een nieuwe uitdrukking

Wanneer horen we die uitdrukking voor het eerst? Het is 1997. Het gebeurt op een ochtend in een tot studio omgebouwd Amsterdams café. Frits Barend en Henk van Dorp interviewen Johan Cruijff ter gelegenheid van zijn vijftigste verjaardag.

Henk van Dorp: ‘Geloof jij in God?’
Johan Cruijff: ‘Op mijn manier wel ja.’
Henk van Dorp: ‘Wat is dat?’
Johan Cruijff: ‘Nou ja, dat er in ieder geval iets is wat ergens rondzweeft. En wat ons allemaal een beetje in de gaten houdt. En zoals ik al eens gezegd heb: Elk nadeel heb z’n voordeel.’

Frits Barend lacht wat ongemakkelijk: rare opmerking, echt Johan. Maar Cruijff vervolgt stoïcijns: ‘Ik ben dus twee vaders kwijtgeraakt en dat is natuurlijk een heel erg groot nadeel. Maar ik heb er nu wel twee die op me letten. En ik vermoed dat als er wat aan de hand is, dat die me wel zullen waarschuwen.’ Het is even stil in de studio.

Johan gelooft het echt.

Johan gelooft.

André Meiresonne is Dominee voor de Ongelovigen.

Zie ook