O Jezus hoe vertrouwd en goed klinkt mij uw naam in ’t oor, het is de beginregel van een kerklied dat in remonstrantse kerken vermoedelijk zelden gezongen wordt. Geschreven door John Newton, voormalig kapitein van een slavenschip. Hij bekeerde zich, ook wat de slavernij betreft, en werd pastor en lieddichter (onder meer van het beroemde Amazing Grace). De gemiddelde vrijzinnige gelovige is met zulke hoogten en diepten niet vertrouwd. Maar altijd zal mij de oude, erudiete dokter bijblijven, een toegewijde remonstrant in mijn eerste gemeente, die me met trillende stem over zijn liefde voor Jezus vertelde. 

Intussen brengt de oude titel Zoon een heel ander klimaat van denken en geloven binnen: dat van oudkerkelijke leerstellingen en debatten. De Zoon speelde zijn rol in het mysterie van de Drie-eenheid, als de tweede persoon na de Vader. Hij was mens geworden in Jezus van Nazareth. Het dogma van Chalcedon (451) trachtte uit te leggen hoe de goddelijke en de menselijke natuur van Jezus zich tot elkaar verhielden: één waren ze en toch niet, ongescheiden maar onvermengd.

Afbeelding Roos Vonk

Onbekend en naamloos

Er is over deze tegenstrijdige formuleringen eindeloos en tot nu toe gestreden. Verdrietig is dat en vruchteloos. Want die bittere, theologische twisten maken mensen blind en doof voor wat áchter de woorden leeft. Albert Schweitzer stipte het aan, aan het eind van een omvangrijk theologisch werk over Jezus: Als een onbekende en naamloze komt hij ons tegemoet. Hij stelt ons voor de opdracht die hij vandaag moet volbrengen. En als een onuitsprekelijk geheim zullen we ervaren wie hij is.

De remonstrantse belijdenis van 2006 spreekt in ongeveer deze geest:

Wij geloven in Jezus, een van Geest vervulde mens,
het gelaat van God dat ons aanziet en verontrust.
Hij had de mensen lief en werd gekruisigd
maar leeft, zijn eigen dood en die van ons voorbij.
Hij is ons heilig voorbeeld van wijsheid en van moed
en brengt ons Gods eeuwige liefde nabij.

In de taal van de christelijke overlevering krijgt ‘het leven achter de woorden’ gestalte op een manier die alle eeuwen door onvergetelijk is gebleken. Met talloze woorden, begrippen en beelden hebben gelovigen het aan elkaar overgedragen: het gelaat van een gepijnigd mens, die het lot van de meest verachten deelde. Uitgerekend daar stuitten christenen op het gelaat van God dat ons aankijkt en verontrust. Hier, in deze pijnlijke geschiedenis van Jezus was de betekenis van het woordje God concreet geworden.

Dat is welbeschouwd onbegrijpelijk. Niemand had uitgerekend déze concretisering van tevoren kunnen bedenken. Ze vraagt van mensen, dat zij anders leren kijken naar anderen en naar hun wereld. Met een vorm van intense aandacht, door Simone Weil wachten op God genoemd: zo aandachtig kijkend naar wat niet is en er niet toe doet, dat het in zekere zin tot leven komt.

Johan Goud
Remonstrants emeritus-predikant. Hij was van 2009 tot 2015 hoogleraar ‘religie en zingeving in literatuur en kunst’ aan de Universiteit Utrecht.

Zie ook

Herdenking Mijnke Bosman
4 maart 2020

Herdenking Mijnke Bosman

‘Mijnke Bosman diende onze geloofsgemeenschap gedurende heel veel jaren in talloze functies. Zij begon haar loopbaan als voorganger bij de NPB Sassenheim (1969-1971), vervolgens ontving zij een bijzondere opdracht voor de pastorale verzorging van de remonstranten op de Noordwest Veluwe (1974-1975)… Lees verder

Proza van de CoZa
31 maart 2020

Proza van de CoZa

Het landelijk bestuur van de Remonstranten wordt ‘CoZa’ genoemd – van Commissie tot de Zaken. Een beetje ouderwetse naam misschien, we proberen als bestuur goed met onze tijd mee te gaan! Om u te vertellen waarmee we bezig zijn, schrijven we voortaan elke AdRem een column… Lees verder