Zo’n tien jaar geleden verschenen de zogenaamde Goddeeltjes. Een serie boekjes waarin verschillende remonstrantse theologen zes grondbegrippen van de christelijke traditie opnieuw doordachten. Foeke Knoppers tekende voor het deeltje over de Geest. Voor dit nummer van AdRem ging Kim de Berg met hem in gesprek.

Het is een prachtige ruimte, het tot studeerkamer omgebouwde huisje in de tuin van Foeke Knoppers. Zoals het bij een theoloog hoort staat het vol met boeken. Je voelt je omgeven door inspiratie. Een woord dat bij uitstek lijkt te passen bij het thema van dit nummer. Toch komt het nauwelijks voorbij in ons gesprek over de Geest. Al pratend wordt al snel duidelijk waarom. Waar het bij het spreken over de Geest vaak over inspiratie en creativiteit gaat, benadert hij het onderwerp op een andere manier, meer vanuit een intellectuele bevindelijkheid.

Ontgrenzend en begrensd tegelijk

In het voetspoor van de remonstrantse theologen G.J. Hoenderdaal (1910-1998) en H.J. Adriaanse (1940-2012) beweegt Knoppers zich tussen het uitgangspunt dat de Geest altijd ontgrenzend werkt en de overtuiging dat er tegelijk een kern is, namelijk Christus, die als ijkpunt fungeert. Waarbij het accent voor hem op die kern ligt: ‘Adriaanse bindt in zijn boekje ‘Spiritualiteit’ de Geest heel nadrukkelijk aan Christus, dat spreekt me aan. Voor veel mensen uit onze kring is dat niet vanzelfsprekend en het is me ook op kritiek komen te staan. Men vond dat ik de Geest te weinig met het universele verbond. Maar ik sta nog steeds achter mijn uitgangspunt. Er is geen vloeiende overgang tussen de geest van de mens en Gods Geest. Gods scheppingsmacht is van een andere orde dan de menselijke creativiteit. En de gemeenschap die door Gods Geest gesticht wordt valt niet per se samen met die van geestverwanten.

Wat overigens niet wil zeggen dat de Geest niet vindbaar zou zijn tussen mensen of in onze cultuur. Integendeel. Het heeft me juist altijd aangesproken dat we ons als Remonstranten steeds op een diepgaande wijze met de cultuur hebben ingelaten.’

2023. Adrem Magazine mei 2023. Foeke Knoppers. Photo: Allard Willemse (naamsvermelding verplicht)

Ontvankelijkheid

‘Een van de mooie dingen van het predikantschap is dat je op zo veel manieren kunt proberen mensen ontvankelijk te maken voor de Geest. Je kunt op huisbezoek gaan, cursussen geven, stichtelijke stukjes schrijven en natuurlijk preken. Allemaal kansen om die verbinding te leggen tussen de cultuur en Christus.’

De eigenheid en de voorkeuren van de predikant zijn bepalend voor de manier waarop dat gebeurt. Voor Foeke was de filosofie een belangrijk voertuig om de ontvankelijkheid voor de Geest te stimuleren. Niet voor niets heeft hij talloze cursussen gegeven op dat gebied. ‘Het lezen van teksten van bijvoorbeeld Hannah Arendt en Vaclav Havel kan ons gevoelig maken voor het evangelie. Zonder hen te willen annexeren voor het christelijk gedachtegoed, geloof ik dat hun denken ons verder kan helpen om open te staan voor de Geest. Om vervolgens in ons persoonlijk leven aan die geraaktheid vorm te geven.’

Je leven als instrument van Gods Geest

In het Goddeeltje over de Geest beschrijft hij hoe in dat proces de eenzaamheid een belangrijke rol speelt. Pas wanneer je op jezelf teruggeworpen bent, kun je je roeping verstaan. De ruis om je heen moet daarvoor verdwenen zijn.

Aangeraakt worden door de Geest betekent overigens tegelijkertijd dat je open staat voor anderen. Wanneer je zelf je roeping ontdekt hebt, ontstaat er ruimte om te zien dat elk mens op een eigen manier aangesproken wordt en zijn of haar weg mag gaan. Met uitingsvormen die daarbij passen.

Zo’n ervaring werkt dus zowel bevestigend als relativerend. Foeke Knoppers: ‘Als je zelf vol voor iets gaat, betekent dat niet dat je andere keuzes afkeurt. Je ziet juist hoe belangrijk het is om een persoonlijk commitment aan te gaan in de verbinding met wat voor jou persoonlijk waar en waarachtig is. Daar in het concrete leven werkt de Geest. Dat is roeping.  Je komt ook in een andere verhouding tot jezelf staan. Je gaat je eigen leven zien als een instrument.’

Om dat beeld duidelijk te maken, geeft hij het voorbeeld van het gebed van Franciscus (Maak mij een werktuig van uw vrede). Die woorden geven aan wat we door de Geest kunnen doen met ons leven.

‘Maar op welke momenten je een instrument bent, heb je niet in de hand. Dat gaat vaak buiten jezelf om. Een uitzondering daarop is misschien het moment waarop je weet dat er moed van je gevraagd wordt. Dan heb je tegenwoordigheid van geest nodig. Moed betonen is niet jezelf laten gelden, maar laten gelden wat voor jou betekenis heeft. Dat is de verloochening waar het in het evangelie over gaat. Daar stijg je boven jezelf uit.’

Om open te kunnen blijven staan voor de Geest en vast te kunnen blijven houden aan de boodschap van het evangelie, is de kerkdienst voor Foeke Knoppers van groot belang. Niet in eerste instantie als voorganger, maar juist ook als kerkganger. ‘Het samen beleven van een kerkdienst is voor mij telkens weer ongelooflijk bemoedigend. Je trekt je aan elkaar op. Daarom is het ook goed dat de predikanten met regelmaat gewoon kerkganger zijn. Ook dat is een oefening in ontvankelijkheid’.

2023. Adrem Magazine mei 2023. Foeke Knoppers. Photo: Allard Willemse (naamsvermelding verplicht)
2023. Adrem Magazine mei 2023. Foeke Knoppers. Photo: Allard Willemse (naamsvermelding verplicht)

Ik houd van de Remonstrantse Broederschap, ondanks …

Is de kerk essentieel? ‘De Geest stoort zich niet aan vormen. Ik heb altijd geloofd in de kerk en me er daarom voor ingezet. Maar natuurlijk is het goed dat er ook andere vormen gezocht worden. Al hecht ik zelf sterk aan de traditie en is die feilbare kerk voor mij nog altijd dragend.

Dat een geloofsgemeenschap niet altijd even inspirerend is, is onontkoombaar. Maar het is essentieel om juist dan te blijven. Dat is ook de kracht van de kerk. Erbij blijven, ook als er een tijdje niet zoveel geest te bekennen valt. In vertrouwen dat je geloof zich juist daardoor heen verdiept en de Geest opnieuw zal gaan waaien.

En zoals bij elke vorm van liefde geldt voor mij dat ik van ons kerkgenootschap houd, niet alleen omdat – er zijn vele redenen om dat te doen- maar zeker ook ondanks. Zo’n liefde is blijvend en loyaal. En dan zal er toch ook altijd weer iets tot bloei komen. Volharding als bodem voor vernieuwing.’

Dat gegrepen of geroepen worden door de Geest, is overigens geen luchtige ervaring. ‘Je hebt niet altijd zin. Zoals je niet altijd gevraagd hebt om de situaties in je leven waarin je terecht komt. Maar tegelijk is het feit dat we ons geroepen kunnen voelen iets om dankbaar voor te zijn. Het brengt ons in beweging, van onszelf af en juist daardoor tegelijk ten diepste dichter bij wie we zijn.

Een ander register

Is de Geest uitgesprokener dan jij bent? Foeke lacht hartelijk. ‘O ja, absoluut!’

En hoe is dat voor de Remonstranten als geheel? Hebben we wel genoeg enthousiasme, in de letterlijke betekenis van het woord (dat zoveel betekent als in goddelijke vervoering zijn)? Ook daar hoeft hij niet lang over na te denken. ‘Waarschijnlijk niet. Maar misschien komt dat doordat velen van ons weliswaar snel en diep geraakt worden, maar daar tegelijk voorzichtig mee willen zijn. Omdat in al te snel en te groot enthousiasme ook een gevaar schuilt, namelijk dat we ons kritisch denken verliezen. En juist dat laatste is onze kracht. Ik ben ervan overtuigd dat ook het denken hoort bij de werking van de Geest. Maar het voornaamste ligt daaronder: dat ik een diepgelovig, door Christus gegrepen, mens ben. Dat is een heel ander register, zou je kunnen zeggen, maar als het eropaan komt is dat wat me bepaalt en wat ook altijd de bron is geweest van mijn werk als predikant.’

Kim de Berg
Redactie AdRem, remonstrants predikant bij de Federatie in Gouda en predikant bij de Zendingskerk in Ermelo.

Zie ook

Een psalm van Vladimir
30 juni 2022

Een psalm van Vladimir

Een psalm van Vladimir, bij snarenspel… Lees verder

Lopen door het labyrint
28 februari 2022

Lopen door het labyrint

Er ligt een labyrint in onze tuin. Meer dan vier jaar geleden heb ik het aangelegd en het is er nog steeds. Het kwam voort uit een impuls, maar nu houd ik het bij. Eerlijk gezegd loop ik het niet zo vaak. Maar de plek heeft betekenis gekregen. De plek, de bomen – ook een boom erachter, een pruimenboom, helemaal niet zo oud, er komen nauwelijks pruimen aan, maar zoals die daar staat … Het is voor mij een plek geworden die rust uitstraalt… Lees verder