
Je hebt het vást in je agenda staan, woensdag 5 november: dankdag voor gewas en arbeid. In mijn jeugd was het een vanzelfsprekendheid; op de eerste woensdag van november was je vrij van school en vierden we dankdag. Eerlijk gezegd zei mij dat als kind niet bijzonder veel. Maar we kregen er een dag vrij voor en daar kon ik best dankbaar voor zijn.
Dankdag vormde (en vormt nog steeds) een koppeltje met biddag, de tweede woensdag van maart. Twee dagen in het kerkelijk jaar waarin de focus ligt op afhankelijkheid van God, de bron van al het goede. Op die dagen gingen we naar de kerk waar werd gebeden en gedankt voor het leven en het werk. Voor het werk van de handen, voor de arbeid van boeren en tuinders, maar ook voor iedereen die afhankelijk was van het land. En dat gold voor ons allemaal. Het waren dagen van bewustwording; dat welvaart niet een vanzelfsprekendheid is en dat het ons ook verantwoordelijk maakt.
Ik moet eerlijk zeggen dat bid- en dankdag de laatste jaren aan me zijn voorbijgaan. Maar een tekst van Dorothee Sölle (1929-2003) liet mij met een andere lens naar deze dagen kijken. Zij schrijft dat het ritme van de schepping verstoord is geraakt. We zijn niet meer afgestemd op het ritme van de aarde en van alles wat op haar leeft. Integendeel, onze leefwereld kenmerkt zich door een voortdurend streven naar zekerheid; aardbeien in december, avocado’s het hele jaar door in de schappen. En wie het kan betalen, vliegt naar waar het lente is. Het ritme van de aarde wordt overstemd door het ritme van de markt. We dansen uit de maat, horen het ritme van de aarde niet meer. Niet meer afgestemd op wat ons draagt.
Het element van tijd, van komen en gaan, het ritme van het leven wordt opgeheven in een voortdurende beschikbaarheid. En we lijken nauwelijks nog te weten van echte groei, niet meer te weten van het ritme van het leven dat niet door ons gemaakt is.
Volgens Dorothee Sölle hebben we een nieuwe spiritualiteit nodig die het ritme van het leven kent en accepteert. Om het ritme te herkennen en ons erop af te stemmen. Want het was er al voor ons en zal er zijn na ons. Wanneer we dan zeggen: ik geloof in God de Schepper, dan is dat volgens haar geen verklaring of analyse van de wereld. Veel meer is het een liefdesverklaring; een liefdesverklaring op dit ritme van het leven. Een liefdesverklaring die we kunnen voelen, waaraan we kunnen lijden, maar die we ook kunnen loven.

Wanneer we dat ritme verliezen, verliezen we ook de waarde van de dingen. Neem voedsel: het is maar al te vaak een vanzelfsprekende overvloed. We kopen, we potten op, we gooien weg. Paus Franciscus sprak duidelijke taal: de cultuur van verspilling wordt een algemene mentaliteit die iedereen besmet. Het heeft ons ook ongevoelig gemaakt voor het verspillen en weggooien van overtollig voedsel, wat bijzonder verwerpelijk is wanneer in alle delen van de wereld talloze mensen en gezinnen honger lijden en ondervoed zijn. Er was een tijd dat onze grootouders heel voorzichtig waren met het weggooien van etensresten. Het consumentisme heeft ons ertoe gebracht gewend te raken aan overdaad en aan de dagelijkse verspilling van voedsel, waarvan we de waarde niet meer correct kunnen inschatten. Laten we echter goed onthouden dat wanneer voedsel wordt weggegooid, het is alsof het van de tafel van de armen, van de hongerigen, wordt gestolen.
Heldere taal. Zijn we ons nog bewust van de waarde van ons voedsel? Dankdag kan een oefening zijn om dat opnieuw te leren zien. Waar komt je eten vandaan? Welke arbeid, welke handen zitten erin? Welk ritme ligt er onder de geur van brood, onder de appel die je van de fruitschaal pakt?
Misschien waren die vrije dagen zo gek nog niet. Een dag in het jaar waarop de agenda niet leidend is, maar het ritme van de schepping. Een dag waarop we leren kijken naar wat ons gegeven wordt in plaats van te grijpen naar wat we willen. Het vraagt om rust, om aandacht, en die is er niet vanzelf. Dankdag en biddag zijn kleine oefeningen daarin.
Als ik eerlijk ben, denk ik dat we die oefeningen harder nodig hebben dan ooit. We zijn druk, altijd onderweg, altijd beschikbaar. Maar dankbaarheid vraagt om aandacht. En aandacht vraagt om stilte, om vertraging. Misschien is dát wat dankdag uiteindelijk kan zijn: een liefdesverklaring aan het leven zelf. Aan het leven dat ons gegeven wordt.
Misschien is het dus nog niet zo’n gek idee om woensdag 5 november weer even in je agenda te zetten. Niet om te moeten, maar om te mogen. Om even stil te staan. Dankbaar te zijn.
Hannah Westerink
Hannah Westerink (1996) groeide op in Elburg en studeerde Psychologie en Theologie in Groningen. In mei 2025 is zij bevestigd als predikant en nu werkzaam bij de Johanneskerk in Amersfoort, een samenwerkingsgemeente van remonstranten, doopsgezinden en vrijzinnig protestanten.
Dorothee Sölle, Beherrschen und Besitzen (Descartes) – oder Hüten und Bewahren (Gen. 2. 15) – was wollen wir?
Paus Franciscus, toespraak over Gen. 2: 15 bij gelegenheid van Wereldklimaatdag op 5 juni 2013 voor een publiek op het St Pietersplein
Pieter Hartevelt is gefascineerd door de kosmos. Hij beschrijft de sublieme schoonheid van het firmament… Lees verder

Op het moment dat ik dit schrijf, zijn we in de vierde adventsweek. Het is een periode waarin we het duister, de donkere dagen vóór kerst, bijna achter ons hebben.. Lees verder