
Ik ben geboren in Boskoop, maar op zeer jonge leeftijd in 1951 naar Rotterdam verhuisd, waar mijn vader Johan Laforêt ruim dertig jaar verbonden is geweest aan de remonstrantse gemeente. Een gezin met zes kinderen waarvan ik de enige zoon was. In 1959 verhuisden we van West naar Hillegersberg/Schiebroek.
Ik herinner me nog dat we als kinderen heel stil in het bad moesten zijn omdat in de kamer daarnaast mijn vader catechisatie gaf. Ook dat door de vele jassen de kapstok vaak naar beneden viel. Door de verhuizing bleef ik op school in West Rotterdam, bleef daar over en at dan vaak met een juffrouw tussen de middag die ook lid van de kerk was. Mijn medeleerlingen keken mij daar soms vreemd bij aan. Tegenwoordig zou ik daar wellicht voor worden geplaagd, maar niet in de jaren ’50. Toen was er meer gezag.
Ik zat toen in een klas van vijftig leerlingen en als de leraar ernaast weg moest, ging de deur ertussen open en had de leerkracht honderd kinderen onderwijs te geven en dat ging prima. Wij werden zeer vrij gelaten in de geest van vrijheid en verdraagzaamheid. We gingen naar catechisatie, maar naar de kerk gaan werd vrijgelaten. Wel werd van ons verwacht dat we met Kerstmis en Pasen allemaal mee gingen naar de kerk. De meeste kinderen zijn daar ook aangenomen. In de kerk had iedere plaats een naambord, die naambordjes zitten er nu nog. Vijf minuten voor de dienst ging er een belletje en dan mocht iedereen op de vrije plekken gaan zitten.
Met de taxi
Ik ging wel eens met mijn vader naar een dienst, we lieten dan de dames thuis en gingen samen op stap. Voordat hij een auto had, gingen we met de taxi naar Oud Beijerland voor de dienst om 19.00 uur. Die tocht ging via de Barendrechtsebrug omdat de Heinenoordtunnel er toen nog niet was. Ook toen hij een auto had, een Daf 33, gingen we samen op zondag wel eens naar Vlissingen en in de middag naar Goes en tussendoor lunchen. Een dagje uit voor ons maar er moest ook gewerkt worden. Voordat er een auto was deed mijn vader alles op de solex in een grote leren jas ter bescherming tegen weer en wind.
Ook mochten er soms twee kinderen mee als het intreden was op Palmpasen en onze ouders die middag en avond met de taxi even bij de aannemelingen op bezoek gingen. Dat waren er in die tijd soms meer dan twintig! Omdat mijn vader veel met het taxibedrijf Ravero in Rotterdam reed, kende hij sommige chauffeurs heel goed en vermaakten wij ons die middag met de chauffeur die ons reed.
Mijn vader was een harde werker. Zijn motto – ook naar zijn kinderen – was: een dag bestaat uit drie dagdelen, die moet je goed gebruiken. Ik heb mijn vader in zijn werkzame leven nog nooit betrapt op een hele avond voor de televisie. Hij was vaak in de avond ook weg en las liever een goed boek. Hij was zeer belezen en kocht naar de mening van mijn moeder veel te veel boeken. Ook trok hij zich vaak terug in zijn studeerkamer, met de woorden ik ga even een boek rechtzetten. Dat arbeidsethos hebben wij wel van hem meegekregen.
Wij als kinderen zijn geen van allen theologie gaan studeren, maar het sociale en de mens een stukje verder brengen zat er bij ons zeker in als ambtenaar en lerares/directeur van een MBO op verschillende scholen.

Trots
Als klachtencoördinator bij de Deelgemeente Centrum kreeg ik eens een klacht over parkeren. Meestal ging ik er zelf even naar toe om de klacht te verduidelijken. Na het gesprek gaf ik betrokkene mijn kaartje. Dat deed ik meer want voor burgers is de gemeentelijke organisatie erg ingewikkeld. Toen hij mijn naam las zei hij: ik kende een dominee Laforet. Ik zei: dat klopt, dat was mijn vader. Hij vertelde mij dat hij heel jong zijn tweelingbroer was verloren die uit huis rende en geschept was door een auto. Hij herinnerde zich na vijftig jaar nog dat zijn moeder daar zeer onder leed en dat de regelmatige gesprekken met mijn vader haar goed deden, waardoor het wat beter met haar ging. Toen ik dat negen jaar na zijn dood hoorde, dacht ik: pa, wat heb je in die ruim dertig jaar veel mooie dingen gedaan voor de mensen, dingen waar wij geen weet van hadden.
De band met de remonstrantse kerk bestaat nog steeds als lid maar ook als vrijwilliger. Een of twee keer per maand help ik op zondag met koffie zetten en zorgen dat de dienst goed kan verlopen.
Fred Laforêt (1950)Lid van de Remonstrantse Gemeente Rotterdam
Ds. Johan Laforêt (1916-2005) was remonstrants predikant in Boskoop/Waddinxveen (1949-1951), Rotterdam (1951-1981). Hij ging in 1982 met emeritaat. Daarna was hij als geestelijk verzorger verbonden aan het Reuma Centrum te Hillegersberg (1982-1995).

Hoe was het domineeskind te zijn? Deze vraag lijkt te suggereren dat het iets bijzonders is om domineeskind te zijn. In ieder geval anders te zijn dan kind van een.. Lees verder

Willem van Reijendam (1966) is de zoon van Lenie van Reijendam – Beek (1937-2020) die als VVH-predikant heeft gestaan in de Prinsesselaankerk in Beverwijk en in Vrijburg in Amsterdam. Hij.. Lees verder