Als de dieren gelukkig zijn, ben ik het ook
Foto: Leszek Leszczynski

Als de dieren gelukkig zijn, ben ik het ook

Het intense geluksgevoel om de koeien in het voorjaar de wei te zien in gaan. Of ’s winters het stro nog eens tot de buik toe op te schudden en hen later tevreden herkauwend te zien liggen. Met mijn vader de mooiste kippenren maken of een kalf ter wereld brengen. Hun geluk was mijn geluk. Leven met dieren is ook een oefening in geduld: tot de vaars toelaat te worden gemolken, het lammetje de melk heeft opgedronken, de hond terugkeert of de schapen je eindelijk volgen.
Mijn broer Minne (†1971) kreeg bij het verlaten van de zondagsschool de tekst mee ‘God is ook te vinden in de natuur’, als reactie op zijn zondagse spijbelen. Liever wandelen met de geiten in het bos. Mijn zus en broer Antje en Hendrik hebben hun bijbeltje zelfs nooit gekregen…., die gingen paardrijden en dat doen ze nog steeds…

Deze diepe verbondenheid met de natuur, met dieren is nooit verdwenen. Het werd innerlijk wat schikken toen ik richting de mensenwereld trok. Daar lag een opdracht, niet alleen voor mij, maar naar mijn mening voor ons allen om behoedzaam en goed met elkaar en de planeet om te gaan. Het rapport ‘De grenzen aan de groei’ (1972) van de Club van Rome had me ooit wakker geschud, ik begreep dat “als we voor onze economie ons vruchtwater zouden moeten bevuilen, we dat ook zouden doen”.
Toen met het Conciliair Proces voor gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping (1983-1993) de schepping een plaats in onze theologie ging krijgen, werd dit mijn eigen heelwording. Bij mijn proponentsexamen samengevat in de tekst gegeven door remonstrants hoogleraar Elze Jan Kuiper, psalm 19, lof  der schepping en lof der wet. De God van de bevrijding en de God van de Sabbath, rustend in de schepping, smolten samen. Mijn beeld van God als ‘drager en uitdager’ was geboren.

Ytje Poppinga
Remonstrants predikant, woonachtig in Saint Saud Lacoussière, Frankrijk

Deel van hetzelfde geheel

Of de dieren er in de bijbelse beeldspraak nu eerder waren dan wij of niet, wij zijn deel van hetzelfde geheel. Wij zijn verbonden met elkaar. Wij zijn aangewezen op elkaar. Daarom verdient de natuur onze respectvolle aandacht, onze zorgzaamheid, onze terughoudendheid ook. Wij mogen haar niet kwetsen of verminken, haar niet uitbuiten en niet ruïneren. Dat heeft consequenties voor ons alledaagse leven: voor hoe wij omgaan met huisdieren, met de bio-industrie, voor hoe wij eten en consumeren. Wij mogen niet zomaar alles met dieren doen. De Bijbel geeft allerlei voorschriften voor het goed behandelen en het welzijn van dieren en verbiedt het doden of verwonden van dieren voor ons eigen plezier. Respectvol omgaan met dieren is voor de Bijbel onderdeel van het respectvol omgaan met heel de schepping. Want ook onze achterkleinkinderen hebben recht op een leefbare wereld.

Peter Nissen
Predikant remonstrantse gemeente Oosterbeek

Zie ook