Marta en Maria – Jezelf wegcijferen of juist niet?
Johannes Vermeer

Marta en Maria – Jezelf wegcijferen of juist niet?

Marta en Maria als vrouwelijke gidsen, dat lijkt misschien een beetje vergezocht. Maar tóch beschouw ik ze als zodanig. Ik leg graag uit waarom.

De leerling en de gastvrouw

Voor wie graag eerst nog het geheugen opfrist: dit zijn twee zusters die in het Evangelie van Lucas voorkomen. Op weg naar Jeruzalem, worden Jezus en zijn leerlingen bij Marta en Maria thuis ontvangen. Jezus spreekt daar de discipelen toe en Maria komt er ook, als een leerling, bij zitten. Zij ‘vleit zich aan zijn voeten’. Marta gaat bedrijvig de voeten van alle gasten wassen (teken van gastvrijheid) en eten klaarmaken. Maria blijft echter zitten. Wanneer Marta Jezus op een gegeven moment vraagt om Maria te manen haar te komen helpen, antwoordt Jezus: ’Marta, Marta, je bent zo bezorgd en je maakt je veel te druk. Er is maar één ding noodzakelijk. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen’ (Lucas 10:38-42).

Marta, je houdt van haar of niet

Misschien doe ik het wel een beetje allebei. Zoals ook wij niet perfect zijn en er toch van ons gehouden mag worden. Ze doet enorm haar best om voor haar naasten te zorgen. Haar naasten! Het grootste gebod uit het christendom. Tegelijkertijd ergert ze zich eraan dat ze het alleen moet doen. En wij ergeren ons misschien weer aan haar ergernissen. Waarom roept ze niet gewoon zelf haar zuster? Waarom moet Jezus het probleem voor haar oplossen? Want in plaats van haar zuster te roepen, vraagt ze het aan Jezus. Of hij Maria niet even kan vertellen dat ze haar zus in de keuken moet helpen. Dat maakt haar misschien wat impopulair. Maar voor het verhaal is deze omweg heel nuttig, anders had je waarschijnlijk nooit gehoord wat Jezus er van had gevonden. En dan krijgt ze eigenlijk ook nog van Jezus de kous op de kop: wat zij doet is onbelangrijker dan wat haar ‘luie’ zus doet. Wordt ze daarmee niet een beetje neergezet als een sukkeltje? Hier krijg ik ook weer een beetje medelijden met haar. Ik zou me waarschijnlijk ook ergeren als ik druk aan het ‘sloven’ was en mijn zuster, broer of wederhelft ging lekker zitten luisteren. Ik zou er misschien ook wat van hebben gezegd. En het antwoord van Jezus zou mij dan niet hebben bevallen.

Wat als Marta iets anders zou hebben gedaan?

Ik probeer me in Marta te verplaatsen. Ze had ook gewoon mee kunnen luisteren en niet zijn gaan zorgen. Zou ik mij zo vrij hebben gevoeld om dat te doen, vraag ik mij voorzichtig af? Dát weet ik eigenlijk zo net nog niet. De gasten zijn moe na een lange reisdag, ze hebben honger, dorst…. Ga je dan aan jezelf denken of aan je gasten?  Bovendien: voor wie doe je dat luisteren nu eigenlijk? Voor Jezus of eigenlijk stiekem vooral voor je zelf? Getuigt het dan niet van grote naastenliefde om juist wél voor de ander te zorgen? Zelfs wanneer dat moeilijk is, omdat je zelf misschien ook graag naar Jezus had geluisterd, en die kans maar één keer in je leven krijgt?

Na al deze vragen en kanttekeningen vraagt u zich misschien nóg meer af, wat de ‘gids-waarde’ van deze dames is. Dat zal ik u nu vertellen.

Vrouwenrechten

Een paar dingen spreken me desondanks in het verhaal aan. Allereerst het emancipatoire karakter. Maria heeft het lef heeft om zich aan haar huiselijke taken te onttrekken. Gezien de tijdsgeest, is dat lef. Helemaal mooi is het, dat haar lef ook door Jezus wordt beloond. De boodschap is wat mij betreft: als vrouw hóef je niet (in de keuken te staan en) te dienen, je mag ook (tussen de mannen) luisteren en leren. En je mag die plek ook opeisen. Jezus én Maria komen hier wat mij betreft op voor gelijke rechten.

Zelf nadenken

Ten tweede is het verhaal een aanmoediging om ons zelfstandig denkvermogen goed te benutten. Uit het verhaal blijkt volgens mij niet, dat wat Marta doet per se verkeerd is en dat je je naasten niet moet dienen. Maar je moet per situatie een (eigen) afweging maken, op welke wijze je het beste handelt. Niet met oogkleppen op het vanzelfsprekende doen (‘hoe hoort het’?), maar alles te laten afhangen van de omstandigheden van dat moment. Marta staat ook niet geheel achter haar keuze, ze doet het uit plichtsbesef. Dat is denk ik ook de reden dát ze het zo vervelend vindt dat haar zuster haar niet komt helpen. Had Marta deze taak van harte omarmd, dan had ze zich er niet over beklaagd. Achteraf protesteert Marta mijns inziens dáar eigenlijk tegen. En ook dát acht ik een voorzichtige emancipatoire daad: schik je niet in je ‘lot’ voor zover dat slechts is wat men van je verwacht. Je mag je frustraties uiten, je koers (proberen te) wijzigen.

Spiritueel

Ten slotte is het verhaal – wat mij betreft – ook een aansporing om ons meer met het spirituele en minder met het aardse bezig te houden. Want terwijl het eten wel kan wachten, kan het luisteren naar Jezus dat niet. Iets waar we in onze samenleving, waar we vooral kijken naar wat wij (en misschien nog meer de anderen) hebben of kunnen krijgen, meer stil bij zouden mogen staan.

Vanessa van Koppen
Redactie AdRem, gemeentelid Den Haag

Word vriend!

Zie ook