Vier tienermeiden zien het zo:  Mijn God zit in mezelf

Vier tienermeiden zien het zo:  Mijn God zit in mezelf

 

Welke poster ze het beste vinden? Daar zijn ze snel uit: Mijn God trouwt ook homo’s. Isa, Noor, Femke en Sofie zijn jonge meiden van 10 tot 14 jaar uit de jeugdkring in Dordrecht en hebben een duidelijke mening als het gaat om de Mijn-God-posters. Mijn God trouwt ook homo’s zegt eigenlijk: van God mag iedereen zijn zoals ‘ie is. We zouden ook niet in een God kunnen geloven van wie dit niet zou mogen. De posters met ‘Mijn God doet niet aan dogma’s’ en ‘Mijn God dwingt me tot niets’ vinden ze ook goed. De bijbel is niet bedoeld als een boek vol regels, vinden ze. Veel regels zijn helemaal niet door God gemaakt, maar door mensen bedacht. Aan sommige van die regels en afspraken houd je je wel, omdat je er zelf in gelooft maar niet omdat het door een ander wordt opgelegd. Dan telt het pas echt.

Bij de poster ‘Mijn God is een superoptimist’ kunnen ze zich ook wel wat voorstellen: God probeert te kijken naar het goede in het leven, en naar het goede in de mensen. En dat proberen we zelf ook. God ziet je goede bedoelingen en geeft je nog een keer een kans als je het een keer niet zo goed doet. Op de vraag welke uitspraak ze zelf graag op een poster zouden zien heeft Isa wel een mening: “Op mijn poster moet staan ‘Mijn God zit in mezelf’. Femke, Noor en Sofie zijn het daar meteen mee eens. Want God zit in jezelf, net zoals je geweten in jezelf zit. Daardoor is God ook voor iedereen anders en is het dus niet raar als iedereen God op een andere manier beleeft.”

Merken jullie zelf wel eens iets van God, of eigenlijk helemaal niets? Isa zegt: “Af en toe als je goed luistert naar je geweten, weet je dat God het gezegd heeft.” Noor voegt toe: “Ik voel dat God er is omdat als ik iets wil en daar mijn best voor doe alles mogelijk is. Dan voel ik dat hij bij me is.” Femke vindt een middenweg in de paradox van het geloof: “Misschien voel ik God nu niet zo, maar ik weet dat als hij er niet zou zijn ik het wel heel duidelijk zou merken.” Sofie ervaart God in speciale situaties: “Ik voel God vooral als ik verdrietig of boos ben. Dan heb ik het gevoel dat ik niet alleen ben.”

 

 

Zie ook