Het gezicht van Rachelle van Andel

Het gezicht van Rachelle van Andel

Het duizelt me als ik Rachelle van Andel (1991) heb gesproken: zo veel dingen gedaan al, zoveel stromingen onderzocht, zo veel bijbaantjes gehad, zo veel studies geprobeerd. ‘Mijn geschiedenis loopt niet echt in een rechte, lijn’, zegt ze. ‘Toch denk ik dat langzaam maar zeker de losse puzzelstukjes steeds beter in elkaar beginnen te passen’.

De wereld in

Ik kom uit een christelijk gezin uit het Brabantse Andel. Het was mijn moeder die me mee nam naar de kerk. In de gereformeerde kerk zat ik op de jongerenclub, volgde er catechisatie en speelde opwekkingsliedjes in een combo. Op het gymnasium in Gorinchem – een uur fietsen! – liep ik een beetje geïmponeerd en wereldvreemd in die stadse omgeving rond. In de puberteit was ik met andere dingen bezig dan met studeren, en ik heb mijn VWO afgerond op het Altena College in Sleeuwijk (ook een uur fietsen). Op mijn 19e ben ik naar Antwerpen vertrokken, waar ik Wijsbegeerte ging studeren. Het was een periode van  waardevolle vriendschappen, van ontwikkeling maar ook van eenzaamheid.  Ik leerde om op een andere manier over geloof na te denken, de professoren waren gidsen in een voor mij onbekend landschap. Ik was de eerste uit mijn gezin die ging studeren. Door de filosoof Kierkegaard en zijn zoektocht naar wat het betekent ten volle mens te worden raakte ik begeesterd. Ook mijn eigen zoektocht ging verder: na mijn bachelor Wijsbegeerte volgde ik een premaster Humanistiek, antroposofische muziektherapie en uiteindelijk de master Spiritual Care (geestelijke verzorging) aan de VU. Recentelijk ben ik begonnen op het Remonstrants Seminarium. Door mijn stage als geestelijk verzorger bij klooster Casella in Hilversum ervaarde ik het belang van gemeenschap en religieuze praxis, ik voelde mij daar thuis en heb er zelfs mijn huidige vriend leren kennen.

Andere werelden ontdekken

Muziek en film zijn belangrijk in mijn leven. Ik luister bijvoorbeeld graag naar Tom Waits, maar ook naar gregoriaans op de concertzender. Films dragen andere perspectieven aan, nieuwe werelden worden zo voor me geopend.

Spreken over geloof blijft stamelen, maar ik voel wel een verlangen naar God, wat ook een zoeken is naar een dragende grond. God blijft echter een mysterie voor mij. Het zoeken naar dragende grond is denk ik ook vooral het zoeken naar dragende grond in mijzelf, een ankerpunt waarop ik terug kan vallen. Verlangen naar God is vooral ook verlangen naar een rechtvaardige wereld, waarin ieder mens gezien en erkend wordt. Dat probeer ik zelf in mijn werk (jongerenwerk Geertekerk en Nukuhiva) en studie mee te nemen, maar ook door open te staan voor anderen, ontmoetingen met mensen die zo anders zijn dan jij, een vriendelijk knikje of gebaar, niet te snel oordelen.

De Remonstranten leren kennen

Mijn eerste (onbewuste) contact met de Remonstranten was in december 2014 tijdens een retraite in Huissen bij de Dominicanen. Daar las ik het boek De berg van de ziel van Christa Anbeek, de vragen die zij stelde resoneerden ook in mij. Uiteindelijk ontmoette ik Christa via mijn studie Spiritual Care aan de VU, en leerde ik via haar de Remonstranten kennen. Ook in gesprek met jonge Remonstrant Leonie vond ik herkenning, waarop ik besloot om vriend te worden van de jonge Remonstranten. Het is fijn om in een gemeenschap te mogen zoeken naar wat ons bindt, waarbij er ruimte is voor hedendaagse cultuur en geloof.  Dat het mag beginnen bij de mens, maar daar niet eindigt. Waits en gregoriaanse gezangen mogen gewoon naast elkaar bestaan. Een verademing, en tegelijkertijd een zoeken wat nooit ophoudt.

Michel Peters

 

 

 

 

 

 

Zie ook