Maud Dik: Wat mij bezielt, is het opkomen voor vrouwenrechten

Maud Dik: Wat mij bezielt, is het opkomen voor vrouwenrechten

Maud Dik, student, afkomstig uit Bussum, bijna 20, was vorig jaar finaliste bij Fem Talks, een spreekwedstrijd voor vrouwen en kon daar kwijt wat haar bezielt.

Hoe zij terecht kwam bij een spreekwedstrijd voor vrouwen van Vrijzinnigen Nederland? Nee, ze had van die organisatie nog nooit gehoord, maar de aankondiging kwam langs op Facebook, in een bericht van Atria, Kennisinstituut voor Emancipatie en Vrouwengeschiedenis en daar heeft ze wel wat mee. Ze schreef een stuk, stuurde dat in en hoorde dat ze mee mocht doen in de finale. Maud Dik is derde jaars student ‘design’ aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam en sinds september studeert ze ook Algemene Cultuurwetenschappen aan de Erasmus Universiteit. Het opkomen voor vrouwenrechten is iets wat haar motiveert.

In het betoog dat ze mocht houden in Paradiso, de poptempel die ooit het centrum van vrijzinnigheid was in Amsterdam, richtte ze zich tegen de critici die het feminisme het zwijgen proberen op te leggen: “Kom maar op met de flauwe grappen over het feminisme. Zeg maar dat het onzin is waar ik voor sta. Ik neem het allemaal voor lief. Met elk oordeel en vooroordeel weet ik steeds beter waarom ik ben wie ik ben. Laat mij discussiëren zelfs als jij gelijk hebt.”  In het studentenleven merkt ze hoeveel vooroordelen er nog altijd bestaan over meisjes. Er wordt van hen andere dingen verwacht. Als jongens veel meisjes versieren dan zijn ze stoer en succesvol, maar meisjes moeten oppassen voor hun reputatie. Studerende vrouwen zijn natuurlijk niet uitzonderlijk meer, maar “toen ik HBO deed en tegelijkertijd een bestuursjaar kreeg én universitair wilde studeren, klonk het: kan jij dat wel?” En nog steeds zijn er veel te weinig vrouwelijke hoogleraren. “Ze zeggen dan dat die niet te vinden zijn, maar ik denk dat dat de mannen in die wereld elkaar die posities toespelen.” Het valt haar ook op dat jongens in het debat heftig hun mening kunnen uiten, maar dat van meisjes verwacht wordt dat ze zich lief en voorkomend opstellen.

Is zo’n bescheiden houding voor een vrouw je meegegeven in je opvoeding?

“Nee, van huis uit ben ik juist aangemoedigd om te zeggen waar ik voor sta. Mijn ouders zeiden steeds: als je iets te zeggen hebt, doe het dan. Wees zelfstandig. Probeer je droom achterna te gaan. En ook op de kunstacademie word ik steeds aangezet kritisch te zijn en een standpunt in te nemen. De docenten zijn gepassioneerd en uitgesproken. Dat is op de universiteit anders. Daar leggen ze de wetenschappelijke methodes uit en het vak.”

Waar is je bevlogenheid voor het feminisme dan wel ontstaan?

“De sociale media hebben mij ervan bewust gemaakt dat zoveel vrouwen niet dezelfde kansen krijgen. Facebook brengt veel berichten die dat bevestigen. Ik informeer me ook met kranten, die lees ik on-line. Boeken, ja, die lees ik op papier. Nu een over het midden-oosten en de ondergeschikte rol waarin vrouwen daar verkeren.” Een aanrader is ook ‘Ondergeschikt. Hoe kennis over vrouwen ons misleidt en wat we daaraan kunnen doen’. Daarin onthult wetenschapsjournalist Angela Saini de subjectieve blik van de wetenschap over vrouwen en wijst op talloze vooroordelen over vrouwen daar waar je ze het minst verwacht. Het Britse, progressieve dagblad Independent noemde het ‘een verhelderend verhaal dat gender-stereotypen vernietigt’.

Welke rol kan je opleiding spelen bij je idealen?

“Bij het studeren van graphic design kreeg ik vanzelf interesse voor de kunstwereld op zich. Voor mij is de vraag hoe ik via design anderen kan beïnvloeden, de politieke agenda en zo kan opkomen voor vrouwenrechten en de gelijkheid van rassen en het laten meetellen van mensen die lager opgeleid zijn, die misschien niet ‘boeken-slim’ zijn maar wel ‘wereld-slim’.” Inspirerend noemt ze ook de activistische kunstenaarsgroep Guerilla Girls, opgericht in 1985, als reactie op de tentoonstelling An international Survey of Recent Painting and Sculpture. Daar waren 169 kunstenaars tentoongesteld, waarvan er maar 13 vrouw waren. De groep ging vervolgens naar musea voor ‘weenie counts’, het tellen hoeveel mannelijke en hoeveel vrouweliujke kunstenaar er te zien zijn.

Wat zegt geloof of levensbeschouwing jou?

“Als kind ging ik met kerstavond met mijn ouders naar de nachtmis en met driekoningen mocht ik zoeken naar een boon in de pudding, maar verder nee. Van de vrouwen die in de finale van Fem Talks zaten, was ik de enige die niet geïnspireerd werd door de godsdienst. God zegt me niets. Ik snap wel God voor mensen een geruststelling kan zijn. Ik sta wel voor een betere wereld, waar we elkaar meer respecteren ook in wat we geloven. De generatie van nu staat meer open voor elkaar. Ouderen zijn vaak stroever in hun opvattingen. De emancipatie van LHBT-ers is belangrijk, maar speelt voor jongeren niet meer. Maar ik geef toe dat ik het misschien heb over de jongeren met wie ik omga, die uit mijn eigen groep…”

Peter Korver
remonstrants predikant bij De Kapel in Hilversum

Zie ook