Gemengde gevoelens bij de Nationale Synode

Gemengde gevoelens bij de Nationale Synode

Somber en stralend – de afsluitende bijeenkomst van de Nationale Synode in Dordrecht op woensdag 29 mei. Zou ik gaan of niet gaan? Pas kort tevoren gaf ik me op voor de bijeenkomst in Dordrecht waar een Verklaring van Verbondenheid werd getekend door een kleine veertig protestantse kerken en geloofsgemeenschappen. Ik begreep dat er heel wat gesprekken en bewegingen vooraf gegaan zijn aan de ondertekening van remonstrantse zijde. Dat is niet verwonderlijk want dit particuliere initiatief stond toch wel op een andere theologische- en geloofsvoet dan de liberaal-theologische van de remonstranten. Zeker ook qua taal. Maar goed, als homo oecomenicus toch naar Dordt om zelf te kijken wat er ging gebeuren. Als ik goed geteld heb waren er nog geen tien remonstranten. De locatie kon niet mooier, de Grote Kerk van Dordrecht is een schitterend godshuis en was nagenoeg geheel gevuld.

Verbondenheid?

Verbondenheid, daar moest het om gaan. Aan Hella van der Wijst zou het niet liggen, ze deed de presentatie op knappe wijze en was een verbindende schakel. Ook niet aan de muziek, al was het oorverdovende orgel en de samenzang niet steeds een genot voor een muzikaal ingesteld oor. De koren waren prima! Maar voor de pauze hadden de gesproken woorden niets met verbondenheid en saamhorigheid te maken. Stevo Akkerman merkte het vandaag in Trouw al op, theologisch zware taal en uitspraken van theoloog Bram van de Beek en ook van Hans Burger gaven een statement af dat je als theologisch hogeschoolrijden kunt bestempelen. Geen lovend woord voor de veelkleurigheid van het (protestants) christelijk erf maar het betreuren van een niet gezamenlijk beleden ‘ene’ God. Je zou denken dat het hele proces van de Synode nog moest beginnen! En dat er nog nooit eerder oecumene was geweest. Zonder moeite verbond Van de Beek het SJEMA ISRAEL uit Deuteronomium 6 met de christelijke drie-eenheid. Ik moest denken aan het boekje van de Joodse nieuwtestamenticus Pincahs Lapide van dertig jaar geleden: ‘Ieder komt tot de vader’. Johannes 14 vraagt echt om een meer eigentijdse benadering! Ja , zelfs de uitkomst van de Synode van 1619 was eigenlijk Arminiaans in zijn ogen (maar dan wel zonder de remonstranten). Hans Burger was misschien wat milder maar ook hij zag de verdeeldheid als probleem en sprak over godsverduistering.

Migrantenkerken verademing
Meer van de eigen tijd en veelkeurigheid werd zichtbaar bij twee videofilms waar ook Joost Röselaers en bisschop de Korte commentaar bij gaven. Wat me na de pauze toch over de streep trok was de aanwezigheid van veel migrantenkerken. Een verademing, ook vanwege de letterlijke veelkeurigheid. Een van hun voorgangers zei: ‘De kerk wordt niet kleiner maar anders van vorm. Wij voegen ons bij jullie, we doen dat van harte, wen er maar aan. We gaan niet meer weg’. Deze man keek naar voren en dat is toch de kunst. Positieve woorden waren er van minister Slob en van de burgemeester van Dordt, ook tegenover de remonstranten. Bij de ondertekening zelf gingen Eginhard Meijering (remonstrantse vader van deze synode), Joost Röselaers en Teddy van der Burg naar voren. Er valt beslist nog meer over deze bijeenkomst te zeggen, maar het was in ieder geval een historisch gebeuren op de plek waar vierhonderd jaar geleden de Synode werd afgesloten.

Lense Lijzen
remonstrants predikant in Groningen

 

 

‘Tegenwoordig zien we in dat eenheid alleen kan ontstaan in verscheidenheid – eigenlijk zoals Prins Willem van Oranje dat voorzien had. Vanuit een open blik op de wereld en op het leven. Maar het was natuurlijk niet alleen rozengeur en maneschijn. Elders in Europa woedde de oorlog en ging men elkaar te lijf met kogels. Hier met woorden.  Het indringende debat op de Nationale Synode was geen feest voor de Remonstranten. Zij kwamen letterlijk in de beklaagdenbank vanwege hun ‘te rekkelijke’ opvattingen’.

 Uit de toespraak van burgemeester Kollf van Dordrecht op de Nationale Synode

 

 

Zie ook