God en mens eten samen als teken van hun verbond
Foto: Christenen voor Israël

God en mens eten samen als teken van hun verbond

In onze tijden hebben we wel eens de neiging godsdienst te zien als iets dat vooral te maken heeft met de ‘bovenbouw’ van ons leven. Wij spreken makkelijk over spiritualiteit en verbondenheid, gevoelens van geluk en de zin van het leven. Dat is misschien wel zo omdat wij (waarschijnlijk ten onrechte) met de gedachte leven dat de primaire zaken in ons leven, de basis van ons dagelijkse bestaan, gezekerd zijn. Onze levens staan gelukkig op een stevig fundament, gebouwd op het vele goede dat in onze samenleving is geregeld. Onze ervaringswereld is dat er altijd voedsel in de winkels ligt, en dat wij een dak boven het hoofd hebben.

En hoewel armoede ook bij ons niet ontbreekt, is de situatie voor de meesten van ons onvergelijkelijk met die van onze voorouders die nog niet zo lang geleden afhankelijk waren van hetgeen de natuur hen van jaar tot jaar kon bieden. Het is nog steeds de situatie van een groot deel van de wereldbevolking nu. Voor heel veel mensen is hetgeen ze van God verwachten niet zozeer iets spiritueels, maar steun in het leven van vandaag. In het Israël van de oudheid betekende dat op de eerste plaats regen op het land en genoeg opbrengst om het jaar door te komen.

Offerrituelen

Zoals gewoonlijk lezen wij in de synagoge ieder jaar opnieuw de hele tekst van de Tora, de vijf eerste boeken van de Bijbel. In deze tijd van het jaar lezen wij het middelste boek, Wajikra (Leviticus). Het boek bevat maar weinig verhalen, veel van de tekst is in onze ogen wat saai en zeker ontoegankelijk. Het bevat allerlei details op het gebied van de offerrituelen zoals die vroeger in de Tempel in Jeruzalem werden uitgevoerd. Welk soort dier in welke situatie moest worden geofferd, welke delen op het altaar moesten worden verbrand en wat door de Kohanim, de priesters in de Tempel moest worden opgegeten. Naast de dierenoffers waren er ook allerlei graanoffers, moesten eerstelingen van het veld naar de Tempel gebracht worden en werden er plengoffers gebracht. Het doel van veel van de offers was verzoening tussen God en mens. Verzoening met God had tot doel de regen te laten neerdalen zodat ons mensen het leven gegeven wordt, niet in de komende wereld, maar in het komende jaar.

Gemeenschappelijke maaltijd van mens en God

Veel van de offers werden maar zeer ten dele op het altaar verbrand. Het was de taak van de Kohanim om de offers in ontvangst te nemen en, in een staat van reinheid, deze in het Tempelcomplex, in de nabijheid van God, op te eten. Mens en God zijn samen verantwoordelijk voor de goede gang van zake in deze wereld. De afspraak om de wereld te laten werken zoals deze hoort, wordt zichtbaar gemaakt in de gemeenschappelijke maaltijd waar mens en God samen aan deelnemen.

In de nadagen van de Tweede Tempel, de tijd rond het begin van onze jaartelling, ontstaat een beweging in het Jodendom waarin de Tempel niet als onbelangrijk wordt gezien, maar waarin, om het zo te zeggen, een soort democratisering van het Tempelritueel wordt voorgestaan. Ook in die tijd wonen veel Joden te ver van de Tempel om aanwezig te zijn bij de rituelen. Daarom wordt de maaltijd thuis bekleed met de symboliek van de maaltijd in de Tempel. Op die manier kunnen niet alleen de Kohanim in de Tempel, maar eenieder deelgenoot worden van de maaltijd van God en mens. Samen, in een situatie van reinheid, wordt een maaltijd gegeten. Samen met God aan één tafel eten, bestendigt het tijdeloze Verbond tussen God en mens.

Ritueel met brood en wijn bij begin Sjabbat

Voor ons, in onze dagen, is de Tempel alleen een herinnering. Hoewel we in het Jodendom bidden om het herstel van de Tempel, is dat voor de meeste Joden niet meer dan een andere manier om de wens onder woorden te brengen van een spoedige komst van de messiaanse tijd. De herbouw van een fysieke Tempel, compleet met offerrituelen, past niet in onze beleving van de relatie met God. Wat we wel hebben overgenomen uit oude tijden, zijn de maaltijden die een belangrijke plaats innemen in het Joodse religieuze leven. Op vrijdagavond, wanneer de Sjabbat begint, gaat een joods gezin aan tafel en doet een ritueel met brood en wijn. Het is in de moderne tijd gebruikelijk om mooi gevlochten brood te gebruiken, maar in wezen is het brood, gewoon brood, vroeger het belangrijkste bestanddeel van de maaltijd. De maaltijd als geheel is een verwijzing naar de maaltijden die de Kohanim vroeger in de Tempel aten en die het bestendigen van het Verbond als basis hadden.

Kortgeleden, in april, vierden we Pesach, het feest waarop Joden de bevrijding uit de onderdrukking in Egypte vieren. Deze bevrijding door God, met een belangrijke rol voor Mozes, een menselijke profeet die door God wordt aangewezen om leiding te geven aan het volk, is tegelijkertijd het prototype voor de verwachting die het Jodendom heeft voor de eindtijd. En zoals u waarschijnlijk wel weet is het belangrijkste gebruik van Pesach de seder-maaltijd. Een maaltijd in je eigen huis, aan je eigen eettafel, samen met je vrienden en familie, waarin je God, of in ieder geval zijn profeet uitnodigt om het nieuws te brengen van de komende goede tijden. Daarom zetten we een extra beker met wijn op tafel, voor de profeet Elijahoe.

Eten, samen met de Eeuwige, is nog steeds het meest sprekende symbool van de samenwerking met God. Want, net als drieduizend jaar geleden, hebben we nu nog steeds het materiële fundament onder ons leven nodig om te kunnen voortbestaan. Spiritualiteit komt pas daarna.

Albert Ringer
Rabbijn in de Liberaal Joodse Gemeente Rotterdam

Zie ook