Waarom hebben we helden?
Beeld: Marjorie Specht

Waarom hebben we helden?

Niet iedereen is zich ervan bewust een held of heldin te hebben, al kan er bij enig nadenken vaak toch wel iemand naar boven komen. Opvallend is de grote diversiteit in helden. Waarom hebben we helden? En wat zeggen onze helden over ons?

 Helden?

Helden, ze zijn er in alle soorten en maten. Helden in de politiek, in de maatschappij en in religies. Stille helden, antihelden en vele andere. Van gevierde helden uit onze geschiedenis tot onzichtbare helden bij ons om de hoek. Van helden die wij inmiddels naargeestig vinden, zoals Stalin, tot helden die ons ontroeren en doen glinsteren, zoals Mandela.

Helden zijn niet statisch. Ze kunnen van hun voetstuk vallen. Omdat we meer van hen te weten komen, of omdat we gewoon zelf veranderen. Velen die eerder in het Westen dweepten met helden als Mao en Lenin zullen dat nu niet meer zo gauw doen. Onze zeehelden met slavernijverleden vallen ook langzamerhand van hun troon. Zo bezien weerspiegelen onze helden en heldinnen een tijdsgeest.

Waarom een held of heldin?

Wanneer is iemand een held? Deze spreekt zich uit, doet iets, durft iets dat wij niet zo gauw… Daarom is het onze held! Anders zouden we hem of haar geen held noemen! Tenslotte noemen we onszelf niet zo gauw een held! Zij zijn iets wat wij niet zijn. Toch?

Opvallend is echter dat veel helden precies ook dát van zichzelf zeggen. Tenzij ze wat narcistische trekken hebben – ook niet ongebruikelijk – beschouwen veel helden zichzelf toch niet als held. Eerder benadrukken zij dat zij niets bijzonders hebben gedaan: het gebeurde vanzelf, de omstandigheden waren ernaar, het was geluk hebben, toeval. The right man in the right place. Vaak zijn ze zelfs beduusd over wat hen ten deel valt en wuiven ze alle lof weg.

Zoals zij reageren, lijken ze ons te willen voorhouden dat het eenieder van ons zou kunnen overkomen. Maar… wijzelf als helden? Dat gaat bepaald wat ver!

Projectie?

Waarom hebben we helden? Daarop zijn vele antwoorden mogelijk. Het is projectie, wordt wel gezegd. Maar hoe werkt dat? Op een projectiescherm verschijnt van alles waarop we reageren, wat we afkeuren of toejuichen. Het scherm is slechts een weergave van datgene wat we er zèlf eerder in hebben gestopt, een dia, dvd of usb-stick. Het is een metafoor voor hoe wij op de buitenwereld reageren, waarbij we ons niet altijd bewust zijn van onze innerlijke dia, onze innerlijke usb-stick, van hoe we onze persoonlijke geschiedenis, onze innerlijke ervaringen, op die buitenwereld projecteren. Vandaar dat we op eenzelfde situatie allemaal zo anders reageren. Vandaar dat we allemaal zulke andere helden hebben.

Veelal wordt gesteld dat onze projectie op onze helden iets laat zien wat wij niet hebben/ kunnen/durven. Dan zou je kunnen zeggen dat we helden nodig hebben om toch glorieuze momenten in ons leven te beleven die we zelf ontberen. Daarom hebben we helden nodig.

Maar… wellicht kan het ook zijn, dat juist déze held jóu specifiek opvalt, omdat je iets in hem of haar herkent? Dat komt overeen met de vaak opmerkelijke reacties van onze helden. Terwijl wíj hen op een podium verheffen, geven zíj aan dat ze dat vaak niet terecht vinden. Het soms zelfs niet prettig vinden. Ze worden overal herkend, kunnen niet meer vrij rondlopen. Leuk voor even, voor het ego, maar op den duur een grote last. Zeker als ze zich steeds weer moeten bewijzen voor een publiek dat zeer teleurgesteld is als ze van hun troon vallen, waar ze door dat publiek nota bene zèlf zijn opgehesen. Zouden onze helden dus ook gewone mensen zijn, zoals jij en ik?

Hallelujah!?

Maar er is toch wel een verschil? Die prestatie die je held neerzet, nee, dat herkennen we niet in onszelf. Of… misschien… waren er – in essentie – weleens vergelijkbare momenten, weliswaar op kleinere schaal, in andere omstandigheden, maar toch…? Momenten waarop je iets in je leven hebt gepresteerd waarover je zelf ook verrast was, waarin je jezelf hebt overtroffen? Punten gescoord met sporten of op een vergadering, een deadline ondanks alles gehaald, of iets tot stand gebracht dat opeens tóch lukte terwijl je het niet had verwacht? Misschien weet je het nog, dat moment op zich? Zo’n moment van opengaan, een innerlijke explosie, een juichen, een hallelujah!? Een glorieus moment, waarin je even lijkt samen te vallen met iets groters? Met het goddelijke, het universum, een moment van genade? Een ster in wording!?

Erkenning?

Zijn we daarmee een held? Ook zonder gejuich, applaus, toeschouwers? Is een held er ook zonder de lof van anderen? Vormt erkenning door een groter publiek vooral de basis van het heldendom? Worden helden dan vooral door óns tot held gemaakt?

Dat kan verklaren dat onze helden zelf ook, net als wij, zo verrast kunnen zijn door wat hen overkomt. Alsof ze boven zichzelf worden uitgetild. Verrast door het Hogere dat zich even, of langere tijd, met hen verbindt. Kairos? Genade die hen toevalt? Zijn onze helden dan gewoon zoals wij? De helden, c’est moi? De held, c’est moi?!

Sylvia I. Saakes

Zie ook