Het gezicht van  Bram Schrier
Foto: Jan Baks

Het gezicht van Bram Schrier

Bram Schrier (1944) woont al vijftig jaar in de pastorie van de remonstrantse kerk in Sommelsdijk. Hij fungeert als halve koster, was al eens zes jaar kerkenraadslid en nu al weer vijftien jaar voorzitter. Geen man van grote woorden. ‘Als iemand de absolute waarheid claimt, weet ik zeker dat dit niet klopt.’

Wortels
‘Ik ben in 1944 geboren in Almelo in een hervormd  gezin. Mijn vader was leraar wiskunde op de MULO. In 1961 deed ik eindexamen aan de Eerste Christelijke HBS in Utrecht en ging daar Biologie studeren. Na vier jaar ben ik gestopt omdat ik ‘iets met mensen’ wilde gaan doen. Ik had mijn zinnen gezet op een studie Theologie en heb daarvoor eerst twee jaar een opleiding Grieks en Latijn gedaan. Helaas heb ik dat examen nooit gehaald, dat was een grote teleurstelling voor me.  Een jaar lang heb ik toen gewerkt als recreatieleider op  recreatiecentrum de Flaasbloem in Chaam en daar hoorde ik via-via dat er iemand werd gezocht in een kindertehuis in Rotterdam, waar werkende en studerende jongeren tussen de 12 en 18 jaar verbleven. Ik behaalde een diploma Kinderbescherming B en kon toen aan de slag bij de Raad van de Kinderbescherming als raadsmaatschappelijk werker. Naast mijn werk daar voltooide de parttime opleiding Maatschappelijk Werk en vervolgens een voortgezette opleiding in Nijmegen. Tot mijn pensioen op mijn 61e heb ik in diverse plaatsen als raadsonderzoeker (Rotterdam, Tilburg, Breda) bij de Raad van Kinderbescherming gewerkt.’

Ontwikkeling
‘Mijn vrouw Wilma komt van Goeree Overflakkee. Mijn schoonmoeder was remonstrant en kerkte in Sommelsdijk. Wij gingen vaak met haar mee naar de kerk.  In 1968 zijn we getrouwd en ons huwelijk werd ingezegend in de Remonstrantse kerk in Sommelsdijk door ds. Schenck. Ik werd daar vriend van deze gemeente. We gingen wonen in een piepklein, maar goedkoop huisje in Middelharnis. De pastorie kwam leeg in 1969 omdat ds. Schenk naar Enschede vertrok. In 1970 werden wij gevraagd in de pastorie te gaan wonen zolang er geen nieuwe fulltime dominee was aangesteld. Dat is er in Sommelsdkijk nooit van gekomen, wij wonen dus nog steeds boven de kerk. Na een paar jaar werd ik lid van de kerkenraad. Lange tijd was ik nog loyaal aan de hervormde kerk, maar toen de Remonstranten buiten het Samen op Weg – proces vielen, ben ik lid van de Remonstranten geworden. Ik voelde me hier vanaf het begin volstrekt thuis.

Het mooie van de Remonstranten is dat ze geen dogma’s hebben. De remonstrantse geloofsbelijdenis was voor mij belangrijk. Die gebruikt geen kerkelijk jargon, maar zegt in gewone woorden wat we geloven. Ik geloof zeker in God, maar ik kan God niet begrijpen en er daarom weinig over zeggen. Zoals iedereen weet dat liefde bestaat, maar niemand liefde kan definiëren. Ik kan alleen maar cirkelen om dat geheim en soms een glimp van God opvangen. Toen ik in mijn jonge jaren het tentamen Grieks en Latijn niet haalde veroorzaakte dat een crisis in mijn leven. Van het ene op het andere moment was mijn wanhoop echter over. Ik heb dat moment altijd als een ontmoeting met God ervaren. Ik ben altijd een halve bioloog gebleven, voor mij bestonden de evolutieleer en het scheppingsverhaal c.q. religie als sinds de middelbare school naast elkaar. De een als feit, de ander als symbolisch verhaal. Veel kennis blijft ontoegankelijk voor de mens, voor de wetenschap. Daar komt voor mij religie om de hoek kijken. Er zijn dingen veel groter dan wij.

De Gemeente Sommelsdijk redt het nog wel even. We hebben lage lasten, zestig leden en vrienden en een bescheiden aanloop van jonge mensen. Sinds kort streamen we diensten en gebruiken we onze website beter. Daardoor worden we zichtbaar voor een nieuwe groep mensen die we voorheen nooit konden bereiken. Hoopvol!’

Michel Peters

Zie ook