Ik vertrek: Pieter Korbee

Ik vertrek: Pieter Korbee

Taal die in stilte begint

Mijn keus voor het predikantschap kende een lange aanloop. Van 1968 – 1976 volgde ik een theologische studie in Leiden, met een promotie in 2003. Ik voltooide de opleiding op het Remonstrantse Seminarie (2007 – 2009) met een proponentsexamen in januari 2010. In 2012 werd ik aangesteld als predikant bij de Remonstranten in Alkmaar.

In de kerk wordt een andere taal gesproken dan in de maatschappij. De laatste is sterk verruwd. Toen een minister voor knettergek werd versleten zonder dat daartegen direct werd opgetreden, besefte ik het belang van die andere taal. Het voorval was voor mij niet de reden om alsnog te kiezen voor het predikantschap, maar ik zag dus de grote waarde van die andere taal. In de jaren dat ik predikant was heb ik me daarop georiënteerd. Het is een taal die in stilte begint – zoals in de kerstnacht – en dan in woorden en gezang de stilte tot uitdrukking brengt: vrede op aarde. Ik heb me steeds meer met deze stilte vereenzelvigd. In eerste instantie heb ik niet zoveel te zeggen. Bij de voorbereiding van de preek komen dan de woorden wel. Een predikant moet eerder minder dan meer doen. Als zij of  hij maar op het juiste moment iets doet en zich niet het hoofd op hol laat brengen door acties en plannen; om een toezegging te doen in een jaar tenminste vijf nieuwe leden in te schrijven. Zoiets is vanzelfsprekend mooi – als het maar een geschenk is en geen voornemen dat je moet bewerkstelligen. Het gaat om het eigenlijke werk in een gemeente. De taal tot klinken te brengen die wordt gehoord in de kerstnacht. Een geschenk.
Ik ben niet teleurgesteld geraakt door deze houding. Best tot mijn eigen verrassing. Daarom word ik niet moe om dit te herhalen. Blijf bij de kern van je werk. Luister, spreek vanuit je hart, neem de tijd, breng rust. Zo ontstaan nieuwe initiatieven. Soms andere dan de bedoeling was. Dit wens ik komende predikanten toe. Daardoor kan een band ontstaan tussen gemeenteleden en predikant. Probeer niet mee te gaan in de arbeidsdeling van de maatschappij. Wees maar een schaap met vijf poten. Niemand zal je kwalijk nemen als blijkt dat je er maar over drie beschikt. Waarom niet? Omdat de kern van het werk eruit bestaat de taal van de zegen te vernemen en die uit te spreken.

Misschien heb ik wel makkelijk praten, heb ik alle wind mee gehad die denkbaar is. Maar ook dan moet je kunnen zeilen.

In gemeenten die mij benaderen zal ik blijven voorgaan. Maar ik ga ook vrijwilligerswerk doen op de roeivereniging waarvan ik lid ben. Stuurinstructie geven voor nieuwe leden. Twintig jaar lang heb ik hier niets extra’s gedaan. Onlangs heb ik een stiltemeditatie gehouden in een kring van nogal anti-kerkelijke mensen gevolgd door een vergevingsritueel. Laat ze maar horen dat je predikant was. En laat ik maar van hen leren.

Pieter Korbee

Zie ook