Het gezicht van Antoinette Hovingh

Het gezicht van Antoinette Hovingh

Antoinette Hovingh (1950) kwam begin jaren negentig bij de Remonstranten in Doesburg aanwaaien en voelde zich er meteen thuis. Een doener die blij wordt van contacten met mensen van allerlei culturen. Actief in het diaconale werk.

Praktische insteek
‘Ik ben geboren in Utrecht als oudste van vijf kinderen. Wij gingen naar de gereformeerde Emmanuelkerk in Utrecht-Zuid, waar in de jaren ’60 gezellig de beatband speelde. Mijn moeder zorgde voor de kinderen en had voor haar huwelijk bij De Gruyter gewerkt. Mijn vader werkte bij de verkeerspolitie en later bij de zedenpolitie. Ik had last van faalangst, volgde de Huishoudschool en op mijn 17e een in-service opleiding verpleegkunde en algemene ontwikkeling bij sanatorium Hoog Laren in Blaricum. Ik ben getrouwd daarna, we kregen drie kinderen. Op mijn dertigste haalde ik nog mijn MAVO-diploma en enkele vakken voor de HAVO. Al die tijd deed ik vrijwilligerswerk en politieke en maatschappelijke scholing bij onder meer Hannie van Leeuwen. Toen mijn man in 1980 een baan kreeg bij de TU Twente verhuisden we naar Hengelo. Na een scheiding leerde ik in 1985 mijn tweede man kennen die in Doesburg woonde. In 1989 ben met de kinderen bij hem ingetrokken. Ik haalde een ondernemersdiploma en begon in 1992 een winkel in mechanisch blikken speelgoed. Een deel van de winkel heb ik later als Wereldwinkel ingericht. Na 5 jaar begon de zorg toch weer te kriebelen en ben ik in een kleinschalig verzorgingshuis gaan werken. Na 9 jaar ben ik daar gestopt en zijn we aan huis – tot op heden – een B&B begonnen dat als museum is ingericht met verschillende verzamelingen, bijvoorbeeld blikken borden van oude auto’s, spelletjes en oude boeken, alles van de Beatles en Rie Cramer.’

Goed leven
‘Ik heb van 1989 tot 2015 gekerkt bij de gereformeerde kerk hier in Doesburg, maar ik had na al die jaren nog geen echte aansluiting gevonden. Daar ben ik toen afgehaakt. Twee jaar lang had ik daarna mijn eigen kerkje op zondagochtend voor de buis. Later ben ik eens meegegaan naar de remonstrantse gemeente hier, waar ik me welkom voelde en het geloof niet dogmatisch en blijmoedig was. Jezus zie ik als voorbeeld, hij leefde voor dat je goed moet zijn voor je medemens. De recente preek van een gastpredikant over ‘De meeste mensen deugen’ van Rutger Bregman heeft veel betekenis voor me. Als kind was ik bang voor de duivel, ik herinner me nog een lied met de zin ‘misvormd door duizend zonden’. Toen mijn kind met het verhaal thuis kwam dat een slechte daad van iemand anders door ‘door de duivel was ingefluisterd’, heb ik gezegd dat de duivel niet bestaat. Nee hoor, aan dat geloof heb ik me ontworsteld. God is geen rechter. Ik geloof eigenlijk dat alle godsdiensten gelijk zijn en dat we dezelfde God aanbidden en heb dan ook geen enkele drang om te bekeren. Maar ik neem gerust een moslimvrouw mee naar een kapel om eens kaarsje op te steken als ze daar zelf interesse in heeft.’

Verbinding
‘Verbinding en saamhorigheid zijn voor mij heel belangrijk. Andere mensen helpen is voor mij geen opoffering, maar een inspiratie juist, ik krijg er allerlei cadeautjes voor terug: waardering, vriendschap, contacten met mensen uit allerlei culturen. Ik ben voorlezer geweest in gezinnen van anderstalige families hier in de stad en later ook coördinator van dat project. Een keer per week organiseert de bibliotheek een taalcafé, daar ben ik een van de vrijwilligers. Samen met een vriendin heb ik ook een naaiatelier voor anderstalige vrouwen en mannen opgezet. Eerst in een garage, toen in een leegstaand winkelpand en nu in het gebouw van de speeltuin. Het doel is de verbinding van culturen, het leren spreken van de taal en misschien kunnen we mensen aan het werk helpen. Dat schept zo’n enorme band, iedereen mist die middagen verschrikkelijk nu we door corona niet bij elkaar kunnen komen. Dingen komen op je pad, daar vloeien dan activiteiten uit voort die weer contacten en vriendschappen opleveren. Daar word ík nu heel gelukkig van.’

Michel Peters

 

 

Zie ook