In Memoriam Geert Jan Bierenga

In Memoriam Geert Jan Bierenga

‘Gij houdt mij vast, uw hand in mijn hand’

Op 7 augustus kwam er een einde aan het veelzijdige leven van Geert Jan Bierenga (geb. 1933). Hij heeft de Remonstrantse Broederschap op vele wijzen gediend o.a. als gemeentepredikant, als redactielid van het Remonstrants Weekblad en als lid van de CoZa. Als ziekenhuispredikant (sinds 1991 in Enschede) leverde hij o.a. een belangrijke bijdrage aan de gedachtenvorming in onze kerk over euthanasie.

Studententijd
Geert Jan’s veelzijdigheid maakte een studiekeuze lastig. Eén van zijn opties was een studie aan de Academie voor Beeldende Kunsten. Het werd theologie maar hij zou op het terrein van de ‘beeldende kunsten’ zijn leven lang actief blijven. Hij was dat al in zijn studententijd waarin hij o.a. decors bouwde, zich ontpopte als beeldhouwer en affiches ontwierp (o.a. voor het lustrum van de VCSB). Het waren gelukkige jaren.

Pastor
Geert Jan was in de eerste plaats een pastor, ééntje die mensen het gevoel wilde geven zichzelf te mogen zijn. Hij wist zelf hoe belangrijk dat was: dat hij had mogen ondergaan dat hij bevestigd werd in zijn bestaan noemde hij een beslissende ervaring in zijn leven.

Hij leefde, zo zei hij eens, ‘bij de gratie van de appels’ die mensen op hem deden. Toen hij met emeritaat ging kwam er steeds meer ruimte voor het appel van de ‘dingen’. Hij ging zich oefenen in wat hij noemde ‘een ootmoed die de dingen toestaat zich volledig uit te spreken’.

Bijbel-rapen
Een van de ‘dingen’ waarvoor hij als jongen van 15 al liefde had opgevat waren oude bijbels. Liefkozend sprak hij over ‘bijbel-rapen’. Toen hij mij een keer zijn indrukwekkende verzameling liet zien heb ik iets van zijn ootmoed mogen waarnemen.

Uitgesproken opvattingen
Geert Jan had uitgesproken opvattingen die hij niet onder stoelen of banken stak: een kerkenraadslid dat de gemeente ‘een goede dienst’ wenste, werd onder verwijzing naar de Beginselverklaring voorgehouden dat de gemeente was samengekomen om God te eren en te dienen; een lid van een kiescollege dat belangstellend informeerde ‘wat gaat uw vrouw zoal doen in de gemeente?’ kreeg als antwoord: ‘zij heeft daarin de belangrijkste rol en wel deze: mijn vrouw zijn’.

Het was zijn heilige overtuiging, zo schreef hij eens, dat de kerk de ‘spanningen van onze tijd’ niet zou overleven’ door ‘de wereld de wereld te laten’ en hij dreef vervolgens de spot met een gemeente waarin men ‘zittend op gerieflijke stoelen’ samenkomt met mensen ‘die je zo goed liggen.’

Backstage
Met uitgesproken opvattingen treed je onvermijdelijk op de voorgrond. Toch leek hij het liefst ‘back-stage’ te willen blijven. (‘Back-Stage koos hij als kop voor een interview t.g.v. zijn vijftigjarig predikantschap.) Maar wie zich ‘back-stage’ ophoudt, moet soms meemaken dat hij onopgemerkt blijft. Dat kan een pijnlijke ervaring zijn, zeker voor iemand als Geert Jan die als pastor er altijd op bedacht was een ander het besef te geven ‘dat hij gezien wordt’.

‘Verborgen omgang’

De tekst boven dit In Memoriam (psalm 73: 24; vert.: Huub Oosterhuis) was Geert Jan zeer lief. De tekst spreekt over de ‘verborgen omgang’ bij de gratie waarvan hij leefde en die hem een vertrouwen gaf waardoor zoveel in zijn leven tot bloei kon komen

Foeke Knoppers
remonstrants emeritus-predikant

 

Zie ook