Column Vipassana
yoga

Column Vipassana

Na tien dagen zwijgen en doodstil kruislings zitten is het klaar – en ben ik op. Ik denk: ‘Was dit het nou? Waarom heb ik al die godvergeten tijd zoveel pijn zitten lijden?’ Ik wist niet eens meer waarom ik het was gaan doen. Ja, twee van mijn kinderen hadden het al gedaan. En ze raadden het mij aan: echt iets voor jou pap! Inmiddels weet ik dat ik dan moet oppassen. Wat heb ik ze vervloekt!

Waar ging het om? Tien dagen Vipassana. Een tiendaagse stilteretraite, net over de Belgische grens – met zeker honderd mensen, mannen en vrouwen gescheiden. Geen enkele afleiding. Hard core boeddhistisch. Tien dagen mediteren, tien uur per dag in kleermakerszit op een matje. Tien dagen niet praten, geen woord. Tien dagen alleen, tien dagen pijn – in m’n ouwe botten.

En toen gebeurde het. We mochten weer praten. Iedereen barstte los. En ik wilde stil blijven, de overgang was te groot. Ik ving een blik op van mijn kamergenoot, waarmee ik tien dagen geen woord – en ook geen blik! –  gewisseld had. En zijn blik was zo… liefdevol. Beter, zo onvoorwaardelijk. Ik stond helemaal open en zijn blik kwam binnen – en hoe. De acceptatie in die blik, de aanvaarding die uit zijn ogen sprak. BAM! Of God zelf me even aankeek.

En ineens voelde ik: Ik kan er niets aan doen. Een diep opgeborgen jeugdervaring kwam uit het niets naar boven: ‘Ik kan er toch niets aan doen dat m’n broertjes dood zijn?!’ Tranen met tuiten. Ineens begreep ik waarom ik me te verantwoordelijk kan voelen, te veel op mijn nek kan nemen. Dat ‘Ik kan er niets aan doen’ ging zich in de maanden erna uitstrekken tot het inzicht: ik kan niets doen. En daarachter het besef: Er hoeft ook niets – ik hoef niets. Wat een rust.

André Meiresonne, Dominee voor de Ongelovigen

Zie ook