Dagboek Mindfulness
Afbeelding: Marjorie Specht

Dagboek Mindfulness

Ons nieuwe redactielid Geertrui Meinema-Linders staart navel tijdens een cursus Mindfulness.

Oké, het is zover: ik ga eindelijk een cursus Mindfulness volgen. Jaren over gehoord, jaren elementen uit gebruikt, maar nu ga ik voor het hele pakket. Een collega is enthousiast over de cursusleidster, ze heeft het er goed gehad.

Week 1
Stap 1: intake. Waarom of ik dit wil? Eh, ik denk dat het de volgende stap voor me is. Ik heb een pittige tijd achter de rug en ben nu lekker relaxed; mijn hoop is dat mindfulness zal helpen om dat zo te houden. Ze legt wat dingen uit. Ik onthoud er vooral van dat ik moet rekenen op 50 minuten tot een uur huiswerk per dag! En dat het wellicht een goed idee is om zolang de cursus loopt anderen dingen dus wat minder te doen, maar heel serieus neem ik dat niet. In coronatijd ben ik eraan gewend geraakt veel thuis te zijn, dus dan zal er toch wel tijd zijn?

De eerste avond blijkt een thema te hebben: de automatische piloot. De voorbeelden spreken me aan: je komt erachter dat je kilometers gereden hebt zonder dat je je bewust was waar. Herkenbaar! Maar ook: je ergert je aan je partner en hebt al vanuit irritatie gereageerd voordat je het doorhad. Hoe anders dan?

Maar goed, we doen de bodyscan. Ik maak het half mee en val dan lekker in slaap. Dat blijkt helemaal oké te zijn. Voor het huiswerk lezen we een hoofdstuk uit het cursusboek, elke dag een bodyscan en regelmatig 3 minuten met aandacht ademhalen. En als klapper: van elke maaltijd de eerste hap met volle aandacht eten. Tijdens het tafeldekken denk ik daar bewust aan: niet vergeten: zo meteen even bewust die eerste hap proeven. En als mijn bord dan bijna leeg is….toch nog vergeten. Ik maak dus kennismaking met mijn automatische piloot, maar vooral als hij de boel al overgenomen heeft. De bodyscans doe ik braaf elke dag en val op telkens wisselende momenten heerlijk in slaap.

Week 2
De automatische piloot blijkt over alles ook een oordeel te hebben. En oordelen roepen vaak ook het verlangen op, om dingen anders te hebben dan ze zijn. Ik lees er allemaal luchtig over en breid mijn huiswerk braaf uit. Nu behalve een bodyscan ook regelmatig een zitmeditatie (die mag ook liggend, gelukkig maar, want ik dut vaak even weg), de 3 – minuten oefening en ik mag een logboek van prettige ervaringen bijhouden: elke dag één. Daarin moet apart benoemd worden of ik het prettige bewust was op het moment zelf, wat ik dacht, voelde (emotie) en wat er in mijn lijf gebeurde en óók nog wat er gebeurde tijdens het opschrijven. Ik huppel er vrolijk langs; het zal allemaal wel, prima. De enige oefening die me echt bevalt is om tweemaal daags mijn tanden met volle aandacht voor het moment te poetsen. Gaat deze cursus me iets opleveren?

Week 3
Het thema is ‘Mogelijkheden…en grenzen’. Niet echt een thema dat me ligt: mogelijkheden vallen nog wel eens tegen en tegen grenzen ben ik vaak genoeg opgelopen om er nog een avond aan te willen besteden.  We gaan liggend yoga-oefeningen doen. Yoga heb ik jaren beoefend, moet een makkie zijn, maar ik merk vooral verzet op: wat een gedoe, zijn we al klaar? Wat doen de anderen? Deze oefening moet ik ook om de dag gaan doen in plaats van de bodyscan of de zitmeditatie. Ik merk dat ik het liever vermijd. Ook het elke dag opschrijven van een onprettige ervaring (weer met lichaamssensaties, gevoelens en gedachten) is niet meer zo leuk. Ik raffel het maar een beetje af en poets vol overgave heel bewust mijn tanden en zit wel vier keer per dag drie minuten stil met mijn ademhaling. Een collega merkt op dat ik de ochtend na de cursusvond tegenwoordig zou geduldig ben. Hmm, zou dat het effect zijn van…?

De cursusleidster benoemt dat pijn een harde grens is en ik realiseer me dat ze bedoelt dat er dus ook ergens een eerdere, zachtere grens moet zijn. Dat is een soort van openbaring. De volgende liggende yoga-oefeningen doe ik een beetje minder mijn best. Niet al te ver rekken en draaien, eerder loslaten. Het voelt als de kantjes eraf lopen, maar ik merk ook veel minder weerstand bij mezelf op.

Week 4
Het thema wordt ‘Stress en stressreacties’. Daar heb ik ervaring mee, wie niet? De cursusavond valt me reuze mee. Het is niet streng en de montere woorden van Lao Tse kan ik wel hebben, zonder dat ik het wezenloos vaag vind. En natuurlijk de opdracht: houd een dagboek bij van stressmomenten. Ook dat is simpel.. , tót ik ontdek dat ik op het moment zelf met mijn aandacht bij de stress moet blijven. Dat lukt me niet. Van stress wil ik vooral weg.

Week 5
Week 5 moedigt me aan om toe te laten en te accepteren wat er is. Dus ook dat het moeilijk is om mijn aandacht bij stress te houden. Tegelijkertijd is de opdracht wel: probeer er met je aandacht bij te blijven. Ik oefen braaf verder met de diverse geluidsopnamen en da’s allemaal prima, tot het over stress gaat.

Week 6
Thema: ‘Gedachten komen en gaan….het zijn geen feiten’. We doen er een leuke oefening bij. Let eens op als je automatische piloot een veroordelende/negatieve gedachte over jezelf afgeeft. En schrijf dan stap voor stap op: ‘zie je wel, ik ben nutteloos. Ik heb de gedachte dat ik nutteloos ben’. En daarna: ‘ik besef dat ik de gedachte heb dat ik nutteloos ben’. De afstand die dat creëert geeft lucht. Maar ondertussen kom ik links en rechts tijd te kort. Mailtjes blijven liggen, contacten en projecten worden verwaarloosd. Een huisgenoot zegt: ga je alweer oefenen?

Week 7
Maar hopla daar is week 7: we gaan weer door. De nieuwe uitdaging is: kun je in het contact met anderen met je aandacht blijven bij wat dat contact met je doet? Want het is de automatische piloot die de reactie meestal bepaalt. Dus als je met aandacht blijven kunt bij je adem en lichaam en er mild over kunt zijn, dan kun je gaan nadenken over je reactie.

De tweede helft van de cursus gaat me te hard. Het is wel verhelderend om te horen dat anderen ook worstelen. Sommigen nemen zich voor na de cursus weer te beginnen met de oefeningen vanaf week 1: ook dat is een signaal dat het eindniveau pittig wordt. De stiltedag  sluit de cursus af. De dag roept herinneringen op aan de bezoeken die ik aan (contemplatieve) kloosters bracht. Ik merk opnieuw op dat ik mijn eigen gedachtestroom best verdraag. Met toch een zuchtje van opluchting (eindelijk weer tijd voor andere dingen) laat ik het los. Maar de weken erna blijft er best wat hangen: tijdens stress weet ik opeens dat dat zo is en wat mijn lichaam dan doet. En mijn ademhaling is regelmatig een bron van aandacht. Al fietsend blijk ik ‘mindful’ te kunnen zijn. Kortom: er is echt wel iets gebeurd. Vraag het me over een half jaar nog maar eens, ben benieuwd hoe het dan is.

Geertrui Meinema-Linders

 

Zie ook