Het gezicht van Mark van Praagh

Het gezicht van Mark van Praagh

Kunstenaar Mark van Praagh (1957) is voortdurend bezig om orde in de chaos te brengen. In het  leven moet dat, maar ook op het doek, in kleur en vorm. Dat is precies de kern van scheppend bezig zijn, zegt hij. In zijn atelier op de zolder van Vrijburg praat hij met Michel Peters over de intrinsieke schoonheid en goedheid van de schepping en de mens die er een rommeltje van maakt.

Het leven is goed

‘Je ziet hier in mijn atelier veel Jakobsladders. De symbolische verbinding tussen laag en hoog, hemel en aarde, maar ook het abstracte ritme van horizontale en verticale lijnen fascineert me. Ik ben net terug uit Bourgondië waar ik een paar weken buiten – en plein air – heb geschilderd. Daar beleef ik intens de verbinding met wat oneindig groter is dan wij zelf, met alles in en om me heen. Ik geniet daar van de harmonie en de schoonheid van de schepping. Diep van binnen ervaar ik daar dat het leven goed is, dat het goede ook diep binnen in mij zit. Tegelijkertijd vind ik het gênant dat ik zo zit te genieten want om me heen is er racisme, wordt het milieu verwoest en woedt er een oorlog in de Oekraïne. Ik geef ook les bij kunstprojecten op scholen. In de eerste plaats wil ik een veilige omgeving creëren, de kinderen met liefde benaderen. Dat is de voorwaarde om creatief bezig te kunnen zijn. Zelfs de stoerste jongetjes zijn trots op zichzelf als ze voor het eerst van hun leven iets maken dat echt uit henzelf komt. Meer dan met mijn kunst heb ik daar het gevoel iets goeds te doen voor de wereld.’

Ingewikkeld levenspad

‘Ik ben geboren in Curaçao, waar mijn vader in de scheepsbouw werkte. Op mijn zevende ben ik naar Nederland gekomen, opgegroeid in Hilversum. Sinds mijn puberteit hadden mijn ouders een moeilijk huwelijk, mijn moeder heeft ons als kinderen vaak daarin betrokken (waarvan ik pas veel later heb begrepen dat dit een heel ongezonde situatie was). Je snapt waarom ik zo hecht aan harmonie, dat ik altijd bezig ben om verbinding te zoeken. Dat is een taak en een last tegelijk. Mijn leven is een ingewikkelde weg geweest. Ik had al vroeg homoseksuele gevoelens, maar kon het die naam toen nog niet geven. Ik ben getrouwd met een vrouw met wie ik twee kinderen kreeg. Drieëntwintig jaar heb ik met haar een harmonieus huwelijk gehad, de scheiding is nu zestien jaar geleden. Dat moment was het pijnlijkste moment in mijn leven, maar ik moest iets doen met mijn gevoelens voor mannen. Ik leerde Dominic kennen, we hebben al 16 jaar een relatie en wonen nu negen jaar samen in Amsterdam.’

Diepgelovig

‘Mijn moeder was remonstrant en mijn vader heeft in de kerkenraad in Hilversum gezeten. Hij had joodse wortels, ging mee naar de kerk, maar op latere leeftijd kwamen die joodse roots weer meer op de voorgrond. In Hilversum was ik actief in het verteluur en namen we deel aan een kring van jonge ouders. In Vrijburg neem ik deel aan Kring Oost, waar we diepe gesprekken voeren over Godsbeelden, bijbelteksten en het Onze Vader – geef mij maar de Aramese versie! Ik denk dat ik eigenlijk diepgelovig ben, maar alleen als geloof niet eng wordt vormgegeven en er ruimte is voor ieder mens, wie je ook bent. Samen zingen vind ik heerlijk. Ik houd van de vorm van de liturgie, die vorm is nodig om het geloof kaders te geven, ook weer een ordening dus. En het diaconale werk vind ik belangrijk, ik wil dat we als geloofsgemeenschap in de maatschappij staan, dat ons geloof er toe doet in de wereld.

Michel Peters

 

Zie ook

Inspiratie in Hoorn
26 oktober 2023

Inspiratie in Hoorn

Het Foreestenhuis in Hoorn denkt na over hoe ze ook in de toekomst als kerk in de samenleving aanwezig kunnen blijven… Lees verder

Wek de Grondwet weer tot leven
5 april 2022

Wek de Grondwet weer tot leven

De Nederlandse rechter mag geen wetten toetsen aan de Grondwet, maar moet wetten toetsen aan internationale verdragen. Rare zaak! Gevolg is wel dat de nationale grondrechten een dode letter zijn geworden: ze staan in de Grondwet, maar de rechter kan er niets mee. Gelukkig staat het afschaffen van het toetsingsverbod nu in het regeerakkoord, schrijft Matthijs de Jongh (1974)… Lees verder