Hand van boven

Hand van boven

Beeld: Roos Vonk

Ik zat naast je in de auto en we hadden weer eens ruzie. Geen idee waarover. Ik was te jong en jij had de liefde zo nodig dat je je aan mij vastklampte. Ongeveer zoals een drenkeling zich vastklampt aan een lekgeslagen opblaasbootje. We waren een stel, maar onevenwichtig. En terwijl jij druk zette en ik me steeds onbereikbaarder hield, was er opeens die hand van boven.

Al mijn pogingen in later jaren om die hand te beschrijven mislukken nog steeds jammerlijk. Een hand van een engel – ik wist het zeker – , niet uitnodigend, niet beschermend, hooguit uitreikend. Een hand die zijn/haar aanwezigheid liet merken. Ik hoefde ook niet te kijken waar die hand aan vast zat, het was alleen die hand en de grote zekerheid dat wat me ook verweten werd, dat het niet uitmaakte, dat het me al vergeven was.

Je zou kunnen denken dat ik een stem hoorde, maar dan toch de klank van mijn eigen stem.  Blijvend vooral was het gevoel dat ik helemaal oké was.

Had die hand jou kunnen dragen? Niet voor mij of in plaats van mij, maar als liefdevol gebaar? Ik voelde mij helemaal geaccepteerd. Kun je dat gevoel doorgeven? Of moet je dan toch opgevangen worden door een engel, of lukt dat pas als je je laat vangen?  Ik had het je graag gegund.

Later ben ik een engel van een mens tegengekomen, wel meer dan één. Onvergelijkbaar anders, minstens zo mooi, inspirerend, maar nooit meer die hand.

Anoniem

Zie ook

De veertigdagentijd als periode van omvorming
5 maart 2024

De veertigdagentijd als periode van omvorming

Peter Korver beleeft de veertigdagentijd heel bewust als periode van omvorming. Hij geeft suggesties hoe wij dat ook kunnen doen… Lees verder

Zien… soms even
12 augustus 2021

Zien… soms even

De redactie vroeg aan de lezers van AdRem om hun ontmoeting(en) met God te beschrijven. In onderstaande bijdragen geven zij deze momenten, hun ‘numineuze ervaringen’, weer. Stilte Op 11 mei.. Lees verder