Inspiratie is transpiratie

Inspiratie is transpiratie

afbeelding Marjorie Specht

Als kind was ik dol op de tekenfilmserie Wickie de Viking. In elke aflevering loopt de bemanning van het Vikingschip in een hinderlaag, maar bedenkt de kleine slimme Wickie een plan waarmee de tegenslag wordt overwonnen. Hij wrijft langs zijn neus, er verschijnt een wolk van sterretjes en onder de uitroep ik heb het krijgt Wickie zijn reddende inzicht. Zo’n eureka-moment, dat is de inspiratie ten top. Inspiratie betekent letterlijk inblazing ofwel de geest krijgen. Bezield raken. Deze woorden drukken uit dat inspiratie je toevalt. Je krijgt het, soms, maar als je er vol spanning op gaat zitten wachten gebeurt er niets. Een positieve en scheppende energie is het en het lijkt soms wel magisch omdat het groter is dan jezelf.

Ap Dijksterhuis, hoogleraar psychologie, noemt inspiratie de mooiste verworvenheid van het menselijk brein. Hij onderscheidt drie vormen van inspiratie. De eerste vorm is je innerlijke roeping. Het is het moment waarop je erachter komt wat je moet gaan doen met je leven.   Daarnaast is er de plotselinge inval, het Wickie de Viking-moment. Tenslotte is er de flow, het met hart en ziel werken, waarbij concentratie, discipline en overgave van groot belang zijn. In de praktijk zijn deze psychologische processen nauw met elkaar verweven.

Wat je echt wilt

In zijn in 2022 uitgekomen boek ‘Inspiratie’ legt Dijksterhuis uit hoe dat allemaal in zijn werk gaat. Een grote rol is weggelegd voor het onbewuste. Bij Dijksterhuis is dat geen vage of psychoanalytische notie, maar een aanduiding voor alle processen in ons brein die zich op een onbewust niveau afspelen. Inspiratie is een vermogen van elk brein. Beslist niet voorbehouden aan creatievelingen of grote geesten, integendeel. Essentieel is wel het hebben van een doel. Je hoeft niet te wachten op die allesbepalende bliksemflits. Het gaat ook niet om wat je goed kan, het gaat om wat je echt wil, het is erg belangrijk dat te ontdekken.

Vervolgens moet je je brein opschudden. Je geest moet openstaan, dat betekent een open houding aannemen en je over dingen verwonderen. Hier maakt Dijksterhuis een onderscheid tussen het convergente en het divergente denken. Het convergente denken is logisch, oordelend en toetsend. Divergent is het wilde en creatieve denken, het gaat alle kanten uit. Zoals bij kinderen. Bij volwassenen overheerst doorgaans het convergente denken, waardoor intuïtie en creativiteit minder kans krijgen. Voor inspiratie moet je je divergente denken oefenen en het convergente denken on hold zetten. Bijvoorbeeld door verhalen te schrijven, poëzie te lezen of humor te gebruiken.

Concentratie en discipline

Voor de flow tenslotte zijn concentratie en discipline vereist. Je niet laten afleiden door bijzaken, zoals smartphone of tv. Wie iets wil maken of bereiken, zal eerst kennis en indrukken moeten opdoen. Als je een bepaald probleem wilt oplossen dan moet je er zo vaak mogelijk aan denken, er veel over lezen, er met andere mensen over praten en je er helemaal in verdrinken. Daarnaast heeft het brein incubatietijd nodig, dat wil zeggen tijd om te verwerken, nieuwe verbanden te leggen en te herkauwen. Hier zijn vooral de onbewuste processen aan het werk, die processen gaan gewoon door terwijl je met hele andere dingen bezig bent. Of wanneer je slaapt. Inspiratie is niet een kwestie van afwachten, maar van hard werken. Inspiratie is transpiratie, aldus Dijksterhuis. Inspiratie is niet de voorwaarde voor scheppend bezig zijn, maar juist de beloning ervan.

Tot slot vergelijkt Dijksterhuis inspiratie met liefde. Als je diep nadenkt over hoe iets zit, dan doe je dat met een liefde voor het onderwerp waarmee je bezig bent. Hoe meer liefde je kunt opbrengen, hoe groter de kans op inspiratie. Soms voelt inspiratie alsof je verliefd bent. Het stuwt je vooruit, geeft je energie en vervoering.

Geluk

Er bestaat een relatie tussen inspiratie en geluk. Mensen die een bestaan kiezen waarin ze meer geïnspireerd zijn, zijn volgens Dijksterhuis doorgaans gelukkiger. Andersom ligt het wat ingewikkelder. Zonder veel sores aan je hoofd heb je meer ruimte om inspiratie te vinden. Maar er zijn evengoed veel voorbeelden van geïnspireerde mensen met psychische problemen of een traumatisch verlopen jeugd die hun roeping vinden in de kunst of de literatuur. Bij de meest creatieve geesten onder ons, de echte genieën, lijken stoornissen als schizofrenie en bipolaire stoornis bovengemiddeld vaak voor te komen.

Ik kan ver meegaan met het inspirerende betoog van Ap Dijksterhuis. Toch mis ik er ook iets in. Bij Dijksterhuis is inspiratie de beloning van gedisciplineerd werken. Weliswaar voor iedereen beschikbaar, maar wel pas na enige vorm van inspanning. Zo bezien past het goed in een meritocratische manier van denken, waarbij het resultaat vooral afhankelijk is van onze eigen inzet en verdienste. Er is weinig ruimte voor het toeval, voor inspiratie die je toevalt door een bijzondere ontmoeting of een onverwacht goed gesprek. Voor bronnen van inspiratie als de natuur of een goede preek. Voor inspiratie kortom als een vorm van genade. Wickie de Viking hoefde er niet hard voor te werken. Wel kon hij open en onbevangen naar de wereld kijken. Het vingertje langs zijn neus deed de rest.

Rachel Adriaanse
GZ-psycholoog in de ouderenzorg, met een eigen praktijk

Bronnen:
Ap Dijksterhuis, Inspiratie, Prometeus 2022
Inspiratie dwing je zelf af, interview met Ap Dijksterhuis, De Standaard 3-9-2022

Zie ook

Terug naar de kerk
5 september 2023

Terug naar de kerk

Het eerste interview met Johan Roeland bij de Remonstranten: over ‘geloof na twijfel’, zijn plannen voor het Seminarie en veel meer… Lees verder

Kerk moet kernwaarden naar buiten toe uitstralen
21 september 2023

Kerk moet kernwaarden naar buiten toe uitstralen

In april organiseerden Jan Berkvens en Silvio Roduner, de projectleiders innovatie bij de Remonstranten, een inspiratiedag over de kerk van de toekomst. De deelnemers bezochten het project Heilige Boontjes in.. Lees verder