Als vrijheid niet vanzelfsprekend is

Als vrijheid niet vanzelfsprekend is

Roos Vonk

Hoe beleven mensen die onvrijheid hebben meegemaakt de vrijheid die wij in ons land kennen? Julia Shamojan kwam in Nederland als politiek vluchteling uit Georgië, Ria Specht – Hones bracht haar vroege jeugd in een Jappenkamp door en Caecilia van Peski reist de hele wereld over als waarnemer in conflictgebieden om vrede en verzoening te bevorderen.

Vrijheid als vluchteling

Vrijheid betekent voor mij het leven. Wanneer je niet vrij bent om de keuzes te maken, leef je niet. De keuzes over gelovig of niet gelovig te zijn, over waar je gaat wonen, leren, reizen, ontmoeten, ontwikkelen, om je eigen mening te uiten.

Het leven zonder angst dat je door je overheid opgepakt kan worden, is vrijheid.  Ik kom uit een familie van Jezidi’s in Georgië. Mijn opa was leider van de zogenaamde Pirs, dat is de categorie van de geestelijk verzorgers, welke functie via de bloedlijn werd doorgegeven. Hij was tegen het communistische regime waarin je atheïst moest zijn. Daarom was hij politiek gevangene. Dit heeft ertoe geleid dat de hele familie aan de mannelijke kant (mijn stiefbroer, mijn vader) werd vervolgd en vernietigd.

Hij was ook een held in de Tweede Wereldoorlog. Nadat de oorlog was afgelopen, werd hij voor de rest van zijn leven naar de kampen gestuurd. Dit soort helden was een bedreiging voor de Russische autoriteiten.

Onder toezicht
Wij bleven onder toezicht van de geheime diensten, wijkagenten, buren, winkeliers, docenten op school, docenten in de opleidingsinstituten, de leidinggevende op je werk, de directie enzovoort. Diverse vormen van discriminatie en vervolgingen. Een leven zonder vrijheid.

In Nederland moesten we erg wennen aan alle vrijheid, waarmee wij geconfronteerd werden. We moesten leren keuzes te maken.  Onze kinderen leren wij dat vrijheid niet alleen een geschenk, maar ook een verantwoordelijkheid is.

We leven nu in een mooi land waar we een mooie multiculturele samenleving hebben. Een plek waar respect voor elkaar centraal staat. Dit moeten we waarderen en koesteren.

Julia Shamojan
Locatiemanager van De Rotterdam op Wilhelminakade. Lid van de kerkenraad in Remonstrantse Gemeente Rotterdam en lid van de kunstgroep van die gemeente

Achter prikkeldraad

In de oorlog heb ik van mijn tweede tot mijn zesde levensjaar in de kampen Poelau Brajan en Aek Pamienke op Oost Sumatra gezeten, waar de Japanners vrouwen en kinderen van krijgsgevangenen onderbrachten. Mijn vader was Nederlands en beroepsmilitair, hij werd van ons gescheiden en elders als krijgsgevangene te werk gesteld. Tot na de oorlog had ik hem nog nooit gezien. Mijn moeder was Indisch. Overdag was ze weg om onder dwang buiten het kamp te werken. Wij werden verzorgd door nonnen en oude vrouwen. Ik was nog heel jong natuurlijk, maar ik herinner me nog het prikkeldraad en de poort waar we niet uit konden. Na de oorlog toen de poort open ging en de vrijheid kwam, heb ik de blijdschap van de vrouwen gevoeld. Er werden Nederlandse liedjes gezongen. Ik heb op mijn zesde jaar uit volle borst het Piet Hein staan meezingen. Met vrachtwagens werden we naar Medan gebracht, waar we in een klein kamertje woonden. Daar zag ik mijn vader voor het eerst. Ik was toen 7 jaar. Ik was zo jong toen ik in het kamp kwam, dat ik geen enkele referentie had naar een situatie van vrijheid. Pas nadat we uit het kamp kwamen, voelde ik dat we niet in vrijheid hadden geleefd.

Er kwamen berichten door over verloren familieleden en soms werden gezinnen herenigd. Tegelijkertijd was het voor ons meteen weer gevaarlijk vanwege de Bersiap, de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd. Later werden we per vrachtschip naar Nederland gebracht, waar we bij een zus van mijn moeder gingen wonen. Ik heb hier nooit problemen ondervonden, maar me goed kunnen ontwikkelen en heb kunnen worden wie ik wilde zijn.

Ondertussen ben ik 85 jaar. Als ik nu nadenk over vrijheid dan meen ik dat de vrijheid in ons land is doorgeslagen. Niet alles moet kunnen en mogen vind ik. Er moeten duidelijke grenzen zijn. Ideeën hebben is prima, maar het is niet goed om die ideeën aan anderen op te leggen. Ik ben rooms-katholiek en wil leven naar de normen en waarden die daarbij horen. Het huwelijk bijvoorbeeld, is een sacrament voor mij, dat is heilig, ik vind het dus niet goed dat mensen maar schijnbaar naar believen zo’n huwelijk opbreken. Of mensen menen in deze moderne tijd de vrijheid te hebben om het leven wel of niet te beëindigen. Ik kies altijd voor het leven. Mijn vraag zou dus eerder zijn: wat doen we om het leven weer levenswaardig te maken?

Ria Specht-Hones
Was werkzaam in het onderwijs als vakleerkracht in het basisonderwijs.

Leven met de wetenschap dat morgen slechter zal zijn dan vandaag

De betekenis van vrijheid is voor mij veelzijdig. Ik interpreteer vrijheid op verschillende manieren afhankelijk van de cultuur en de context waarin ik mij op dat moment bevind. De afgelopen dertig jaar werkte ik in uiteenlopende crisis- en conflictgebieden en daarin had vrijheid steeds een andere waarde. Voor de mensen om mij heen en ook voor mijzelf. Voor mij omvat vrijheid in de kern het vermogen om zonder beperking of dwang te kunnen handelen, denken of spreken. Zo ontstaat een persoonlijke autonomie die een heel belangrijk onderdeel is van mijn eigen leven. In essentie gaat het voor mij om mijn vermogen om mijn eigen keuzes en beslissingen te kunnen maken die mijn eigen wil, verlangens en waarden voor mijn leven weerspiegelen.

 Voor mij omvat deze vrijheid het recht om mijn leven te leiden volgens mijn eigen overtuigingen en voorkeuren – weliswaar zolang dit geen inbreuk maakt op de rechten van anderen. Maar waar zou ik zijn in mijn autonomie wanneer de kaders waarin ik de autonomie uit kan leven niet sterk (genoeg) verankerd zouden zijn?

Politieke vrijheid
Zo is voor mij mijn politieke vrijheid – omdat ik deel uit maak van een samenleving van mensen – van groot belang, bijvoorbeeld mijn recht om te kunnen deelnemen aan bestuurs- en politieke processen, mijn recht om te stemmen, politieke meningen te kunnen uiten en vreedzaam te pleiten voor verandering. Het omvat ook het recht om vrij te zijn van onrechtvaardige overheidsinmenging of onderdrukking.

En natuurlijk omvat de betekenis van vrijheid niet enkel voor mijzelf een breed spectrum van rechten, waarden en principes die essentieel zijn voor de bloei van individuen en samenlevingen. Vrijheid is een fundamenteel aspect van de menselijke waardigheid en vormt een integraal onderdeel van het streven naar een rechtvaardige en democratische samenleving.

Vrijheid met voeten getreden
Het is dat streven van mensen dat ik heb kunnen aanschouwen in de crisisgebieden waar ik werkte. In landen als Afghanistan, Georgië, Oekraïne en Wit-Rusland werden de kaders die mensen vrijheid kunnen geven met voeten getreden. Sinds januari 2024 werk ik op de Westelijke Jordaanoever in het kielzog van de U.S. Security Coordinator for Israel and the Palestinian Authority. Mijn opdracht is om het veiligheidsapparaat op de Westelijke Jordaanoever te ondersteunen. Het is een manier om bij te dragen aan die condities die de veiligheid van de Palestijnen ondersteunen, waardoor aan hen meer mogelijkheden tot vrijheid geboden worden.

 De mensen worden hier al tientallen jaren in hun vrijheid beknot. Het is hen jarenlang onmogelijk gemaakt om vrijheid te ervaren op de manier waarop ik dat kan doen. Het Palestijnse volk wordt beperkt in het uitleven van hun culturele en religieuze vrijheid en bij hun toegang tot gerechtigheid, rechtvaardigheid en mensenrechten. Maar bovenal wordt hen het recht op menselijke veiligheid ontnomen.

 “My freedom is to be what they don’t want me to be.”
– Mahmoud Darwish (1943 – 2008), Palestijns dichter en schrijver

 “From the place where we are right, flowers will never grow in spring.”
– Yehuda Amichai (1924 – 2000), Israelische dichter en schrijver

Caecilia van Peski
Lid van de Remonstrantse Gemeente Rotterdam / Breda. Medewerker van U.S. Security Coordinator for Israel and the Palestinian Authority op de Westelijke Jordaanoever.

 

 

 

 

 

 

 

Foto (door Caecilia J. van Peski): Palestijnse jongen in Ramallah, Westelijke Jordaanoever (02 februari 2024)

 

 

 

Zie ook

Haat en geweld maken het visioen van de profeten kapot
11 december 2023

Haat en geweld maken het visioen van de profeten kapot

Terwijl Pieter Korbee een verhaal aan het schrijven was over omkeringen in de bijbel, vroeg hij zich af: wat zijn die visioenen waard in een wereld waarin haat en geweld.. Lees verder

Protest van remonstranten tegen de slavernij
24 augustus 2023

Protest van remonstranten tegen de slavernij

Half Delft was op zondag 24 september 1794 uitgelopen voor de dienst in de remonstrantse kerk aan de Oude Delft. De predikant Abraham van der Meersch en het kerkenraadslid Johannes.. Lees verder