Brandend van idealisme

Brandend van idealisme

Wij vroegen ook een aantal maatschappelijk betrokken remonstranten hoe zij er in slagen om hun idealisme levend te houden in een wereld vol geweld en onrecht?

Let op de leliën, klein kuddeke (Lucas 12)

AdRem-lezer, was je ook zo geschrokken van de uitslag van de laatste verkiezingen? ‘t Is best even geleden en inmiddels al weer wat bezonken. Dankzij veel verstandige taal, met name uit de Amerikaanse media, kwam al gauw boven drijven wat dé manier is om dit soort aardverschuivingen in de toekomst te vermijden: we moeten af van al die zwevende kiezers, mensen ga weer ergens bij horen, kies partij!

Stel dat je dat ter harte hebt genomen, dan blijkt al gauw dat je niet de enige was. Op een platform nieuwe leden welkom sta je elkaar te verdringen en op de binnenkom-vraag naar je motivatie, blijk je ook daar niet echt origineel: iedereen is binnengekomen vanwege schrik over de uitslag!

Kijk vervolgens even naar buiten, klein kuddeke. Zie behalve de onstuitbaar oprukkende voorjaarsbloei ook de hazen hollen en de reeën grazen en denk aan een woord van Jezus even verderop in Lucas 12: Ik ben gekomen om op aarde een vuur te ontsteken, en wat zou ik graag willen dat het al brandde!

Als je ook die hint ter harte hebt genomen op de Zondag Oculi, mijn ogen zijn bestendig op de Heer gericht, dan moest je je wel mee laten slepen door de Friese rijders (zie plaatje). Met je (klein)kinderen naar de supermarkt, een wedstrijd met hindernissen langs de schappen, om een bananendoos vol te laden voor Oekraïne!

De inmiddels bijna zomerse bloei van de leliën vormt een stille hint richting de vraag van de redactie: hoe blijf je maatschappelijk betrokken? Dat vonkje wordt je – of je wilt of niet- van hierboven aangereikt!

IJda Blüm, IJlst

Waarom doe ik wat ik doe?

Tja, eh… Ooit begon ik te werken in het bedrijfsleven en ontdekte dat ik meer met mensen op de werkvloer had dan met management. In de ICT-sector waar ik werkte, was er eigenlijk elk jaar wel een nieuw evangelie. Een nieuw verhaal waarom mensen anders, harder, duurder, goedkoper of efficiënter moesten gaan werken. Het stoorde me dat het soms dezelfde managers waren die elk jaar een nieuw evangelie presenteerden. In die zin past het wel dat ik fan van Jezus ben: die presenteert al tweeduizend jaar op hoofdlijnen hetzelfde verhaal.

Toen ik op een dag besloot dat het genoeg was geweest, ben ik echt gaan zoeken wat ik wel zou willen doen. In die tijd had ik een kleuter en een peuter thuis, die veel dingen wilden ondernemen en me vaak goede vragen stelden: mama, als dat het hoofd van de tafel is, is die andere kant dan de piemel? En waarom is éen plus één twee? Niets was mooier dan dingen uitleggen of samen uit te zoeken. Op het moment waarop je in hun ogen het begrip zag doordringen, kon ik de kwartjes bijna horen vallen.

Ergens in die maanden bedacht ik dat het onderwijs misschien wel iets voor mij zou zijn. Mijn man vroeg nog of ik niet iets wilde gaan doen dat voor de maatschappij van belang was (ongetwijfeld doelend op het vlak van klimaat- of natuurbescherming). Ik snapte zijn vraag nauwelijks: hoe kan kinderen helpen ontwikkelen en hen dingen leren nou niet maatschappelijk relevant zijn? Mijn antwoord lag dus ergens bij: klimaatbescherming kan alleen als kinderen helder en kritisch leren nadenken, als ze goed kunnen rekenen en lezen, als de volgende generaties klaar zijn voor het leven op aarde.

En nog steeds zijn die twee aspecten belangrijke motoren voor mijn drive in het onderwijs. Van de week nog bleek een van mijn leerlingen alle sommen onder tien nog steeds te tellen. We leren ze allerlei trucjes, die hen helpen om de antwoorden echt te gaan zien en uit het hoofd te leren. Als ik dan uitleg waarom op je vingers tellen nu nog wel kan, maar voor volgende jaren niet handig is en we daarom de manier van de juf aanleren, dan hoor ik bij wijze van spreken die kwartjes weer rollen en zie in de ogen van dat kind de motivatie om het anders te proberen.

En als ik in gesprek met ouders of boven- en buitenschoolse contacten frictie of weerstand ervaar, weet ik me ook altijd weer gesteund door de wetenschap dat van de minister tot en met de moeilijkste ouder en de jongste en meest weerspannige kleuter aan toe: we zitten hier allemaal met hetzelfde doel, met hetzelfde evangelie: we willen kinderen helpen zich te ontwikkelen tot zelfstandige en verantwoordelijke volwassenen. We verschillen hooguit nog van mening over de route ernaartoe.

En op de dagen dat geen van beide helpt, heb ik ontdekt dat één van mijn andere passies in het onderwijs ook helpt. Als juf begint de show namelijk elke dag om half negen en mag je ook toneelspelen. En laat ik dat nou ook geweldig vinden: een rol spelen om (weer) in verbinding te komen met mijn publiek. Gisteren haalde een leerling de hele ochtend al het bloed onder mijn nagels vandaan. Zucht, zucht, ik kan wel boos worden, maar dat gaat niet helpen. ‘Kom even bij mij zitten, ik zie dat je niet lekker in je vel zit. Wat is er aan de hand?’ ’Ik ben zo moe, ik ben gister heel laat naar bed gegaan’. En natuurlijk denk ik dan even aan die stomme, kortzichtige ouder, die dat kind niet voldoende rust biedt, en: waarom moeten die familiefeestjes toch altijd op zondagavond, maar ik zeg: hmm, wat vervelend, wrijf even liefdevol over zijn rug en zeg: leg je hoofd maar even op je armen, rust maar even uit. En zo meteen maak je je schrijfwerk even af. Drie minuten later gaat het kind spontaan over tot schrijven en produceert prachtig bovengemiddeld werk.

Geertrui Meinema – Linders, Amersfoort

Bless your spirit… 

Klinkt er op station Zuid in Amsterdam. Een man met gitaar speelt met zoveel vreugde dat hij ook mij direct aansteekt. Met een grote glimlach ga ik op weg naar de kerk.

Om het vuur brandend te houden helpt het mij om me te blijven verwonderen. Om te spelen, te lachen en te bidden. Te genieten van schoonheid in alle lelijkheid. Tegelijkertijd kan ik niet wegkijken van het lijden van de wereld. Dichtbij en ver weg de stemmen die in verdrukking komen blijven zoeken en naar hen luisteren. 

Het helpt mij om telkens weer terug te keren naar die plaats waar ik zelf invloed op heb en naar de mensen die mij dragen. Ik ben niet alleen in mijn zorg en betrokkenheid op de wereld. Het is voor mij van belang om met aandacht aanwezig te zijn in mijn lijf, in mijn omgeving, in de gesprekken die ik voer met de mensen om mij heen. Om te luisteren en stil te worden. Ook kan ik oprecht genieten van anderen. Van deze man op station Zuid en van de lach die klinkt als ik over de drempel van Vrijburg stap en de vele vrijwilligers zie die betrokken zijn in en rondom onze geloofsgemeenschap.

Het is niet aan mij om de hele wereld te redden. Het is wel aan mij om de ruimte die ik heb in te nemen en op mijn plek verantwoordelijkheid te dragen voor mijn handelen. Gelukkig zijn we met velen. 

Rachelle van Andel, Utrecht

Zie ook

Juli 2020
7 juli 2020

Juli 2020

Het julinummer van AdRem gaat over het thema ‘Mijn held en ik’. Waarom hebben we helden nodig eigenlijk? Wie zijn onze helden?.. Lees verder

Ontroerende Stabat Maters
7 juli 2022

Ontroerende Stabat Maters

De Moeder stond door smart bevangen en met tranen langs haar wangen waar haar zoon gekruisigd hing. Een van de mooiste vertalingen van het dertiende-eeuwse Stabat Mater is van Willem.. Lees verder