
Predikant zijn op de Amsterdamse Zuidas, betekent de bijbel lezen met de ogen van mensen die er totaal niet mee zijn opgevoed. Ad van Nieuwpoort heeft er veel van geleerd.
Waarom ben je ooit theologie gaan studeren? Wat ben je daarna gaan doen?
Dat heeft alles met de roemruchte theoloog K.H. Miskotte (1894-1976) te maken. Door zijn boek Bijbels ABC, kwam ik op het spoor van de theologie. Wat mij fascineerde was hoe Miskotte in de oorlogsjaren in bijbelse verhalen tegengif vond tegen het fascisme. Hij laat in dit boek zien hoe christendommelijke interpretaties in de loop van de eeuwen de boodschap van de bijbel in de weg hebben gestaan. Miskotte gaat terug naar de Hebreeuwse bijbel om te laten zien dat daar op een heel andere manier over God gesproken wordt dan gangbaar gedacht. In de bijbel gaat het niet om een God in het algemeen, maar om iemand die in de teksten wordt aangeduid met vier onuitsprekelijke medeklinkers die alleen te verstaan zijn in de context van de verhalen over mensen. Dat maakte mij razend nieuwsgierig en die nieuwsgierigheid heeft mij tot op de dag van vandaag begeleid. Na mijn studie schreef ik mijn eerste boek De kleine Mensengod. De Bijbel kan mij nog meer vertellen, waarin ik een poging doe om dit verhaal van o.a. Miskotte toegankelijk te maken voor een breed publiek. Dit boek kwam uit bij Prometheus in 1997, dus buiten de christelijke wereld. Ik was de eerste theoloog in het fonds van Mai Spijkers en kwam dus meteen terecht in een seculiere wereld waarin men, toen nog, mij wel aanvankelijk met argwaan bekeek. Maar het heeft mij vooral geweldig geholpen om de theologie blijvend te vertalen naar een publiek dat er niet vertrouwd mee is. Daarna ben ik predikant geworden in Amstelveen en heb ik, deels verbonden aan de theologische faculteit, mijn proefschrift geschreven.
Vanaf wanneer ben je je gaan richten op een publiek buiten de gelovige wereld?
Ik ben een beetje allergisch voor het begrip gelovig of ongelovig alsof dat een staat van zijn is. Ik ken dat onderscheid niet. Ook niet in mijzelf. De meer niet kerkelijke wereld werd in mijn werk als predikant op de Amsterdamse Zuidas mijn werkterrein. Dat heeft mij ongelofelijk veel geleerd. Ik leerde de bijbel lezen met de ogen van mensen die er totaal niet mee waren opgevoed. Zij maakten mij attent op zaken waar ik als professioneel theoloog overheen las. Heel boeiend. Die niet-kerkelijke wereld vind ik, eerlijk gezegd, vaak interessanter dan die kerkelijke. Dat niets vanzelf spreekt houdt mij wakker en scherp.

Waarom doe je dat? Wat wil je overbrengen? Wat heeft de theologie/de kerk de wereld te zeggen?
Omdat ik geloof in de relevante zeggingskracht van bijbelse verhalen, juist ook voor deze tijd. Voor die verhalen hoef je niet per se christelijk te zijn (wat dat ook betekenen mag). Ze helpen ons in het zoeken naar antwoorden op de vraag wat een mens tot mens maakt. Maar ook helpen deze verhalen ons nieuwe perspectieven te vinden die we vanuit onszelf niet zomaar voorhanden hebben. Ik laat dat bijvoorbeeld zien in mijn laatste boek Buig niet. Daarin gaat het over geestelijke weerbaarheid tegenover een autocratie, die mensen weer onmondig wil maken. Ongekend hoe actueel die verhalen zijn en ons kunnen helpen om een moreel kompas te vinden.
Is jouw boodschap ook interessant voor wie geen religieuze vooronderstellingen met je deelt?
Ja juist. Ik heb soms zelfs het idee dat religieuze vooronderstellingen eerder een sta in de weg zijn. Als ik bijbelverhalen deel op leiderschapstrainingen bijvoorbeeld, dan merk ik hoe ze binnenkomen juist bij mensen zonder religieuze bagage. Die verhalen ontmaskeren eerder de religie dan dat ze de religie bevestigen, is mijn ervaring.
In hoeverre lukt dat om het bredere publiek te bereiken. Wat is het effect?
Gelukkig lukt me dat wel. Wat daarvoor nodig is, is dat we uit onze kerkjes stappen en vooral feeling zoeken met wat er leeft om ons heen. Niet blijven hangen in je christelijke wereldje maar lezen wat de mensen lezen, de tijdgeest peilen, contact zoeken met mensen die een centrale plaats in het publieke debat innemen. En het effect is vaak de verrassing. Mensen denken vaak bij dominee en bijbel dat dit stoffige dingen zijn uit een ver verleden, maar als je die vertaalslag goed weet te maken, springen er vonken over.
Wat zijn je tips voor andere theologen?
Kom vooral uit je bubbel. Probeer geen zieltjes te winnen maar laat merken dat jij ook een zoekend mens bent die behoefte heeft aan herbronning. Neem een goede, seculiere krant en zoek de mensen op waar ze zijn. En voed jezelf vooral met goede, dagelijkse exegese en zorg voor kwalitatieve verhalen waar je je hart in legt. En als laatste: durf te twijfelen aan jezelf en vooral ook aan je geloof.
Ad van Nieuwpoort (1966), predikant in de Haagse Duinzichtkerk

Sinds begin dit jaar maakt cabaretière Katinka Polderman wekelijks een ‘beslisboom’ of andere infographic voor de Volkskrant. Het thema van deze AdRem behandelde ze ook. De redactie stelde haar per mail enkele vragen over schuld. Hier haar antwoorden… Lees verder
De gedachte is vaak dat dogmatiek en schoonheid elkaar bijten: hoe meer dogmatiek, hoe minder schoonheid. Ergens dogmatisch over zijn, vatten we in de volkmond op als vasthouden aan je standpunt tegen beter weten in. Daar is doorgaans weinig schoonheid aan. Toch zijn sommige dogmatische werken vol van talige schoonheid, schrijft hoogleraar Dogmatiek Maarten Wisse. Neem nu dit citaat van Augustus.. Lees verder