‘Het geloof stelt andere vragen dan de wetenschap’

‘Het geloof stelt andere vragen dan de wetenschap’

Jonge wetenschappers hebben we ook bij de Remonstranten. De redactie was op bezoek bij Rolf en Froukje Harkes – Idzinga in Leiden. Echte bèta-wetenschappers. Uw schrijver zat als loepzuivere alfa dus geregeld met zijn oren te klapperen. ‘Wil je dat nog een keer herhalen, Rolf?’

Microscopen en lasers

Rolf is 29 jaar oud en studeerde biomedische technologie in Enschede. In die studie worden natuurkunde, scheikunde en biologie ingezet voor technieken die op mensen worden toegepast, zoals protheses en MRI-scanners. Daarna promoveerde hij in de biofysica, in november mag hij zijn proefschrift verdedigen. ‘Biofysica is de natuurkundige stroming die zich met biologie bezig houd’, zegt Rolf, ‘de fysica van levensprocessen’.  Zijn promotie-onderwerp – en dan wordt het heel moeilijk – is superresolutie microscopie. ‘Met een gewone microscoop kun je maar tot een bepaald niveau vergroten, met super resolutie microscopie gebruik je natuurkundige trucs om voorbij deze limiet te komen.  Vanaf 2010 ben ik begonnen met mijn onderzoek naar de verspreiding van eiwitten op een membraan van cellen. Ik zat dus de hele dag in een donkere ruimte met lasers die in een microscoop schijnen. Door die lasers snel aan en uit te zetten kon ik uit het door de eiwitten afgegeven signaal hun positie bepalen. Het onderzoek was leuk, maar het schrijven en de onzekerheid van de data die je hebt verzameld waren moeizaam. Na twee jaar onderzoek had ik eigenlijk al besloten om niet de wetenschap in te gaan. De wetenschap is competitief. Als je echt baanbrekend onderzoek wilt verrichten dan moet je monomaan bezig zijn en werkelijk volledig gefocussed op je vak. Die drive heb ik niet, projecten met een kortere duur vind ik leuker. Mijn carrière start vanaf volgende maand in het onderwijs. Ik wordt leraar natuurkunde op het Rijnlands Lyceum in Sassenheim. Uitleggen vind ik leuk. Mijn vader en mijn opa waren leraar, dat vak zit dus wel een beetje in mijn bloed.’

Medicatiebewaking en databases

Froukje is 33 jaar oud en studeerde Farmacie in Groningen. Ze werkte na afronding van haar studie twee jaar in een apotheek in Hoorn. Nu werkt ze al weer zes jaar in Den Haag bij de KNMP, de beroepsorganisatie voor apothekers. Ze zit op een van de wetenschappelijke afdelingen. Daar levert zij bijdragen aan een databank met informatie over geneesmiddelen voor artsen en apothekers. In concreto doet zij literatuuronderzoek in (internationale) tijdschriften naar veilig gebruik van werkzame stoffen in geneesmiddelen, bijvoorbeeld naar de interactie van die bestanddelen met andere werkzame stoffen of met bepaalde ziekten (zogenaamde contra-indicaties).  ‘Een eenvoudig voorbeeld is dat sommige middelen van invloed kunnen zijn op het suikergehalte in je bloed. Als je die middelen geeft aan mensen met suikerziekte, moeten zij mogelijk hun suikermedicatie aanpassen’, zegt ze. ‘Ik schrijf met mijn collega’s adviezen over die medicijnen. Die worden dan vervolgens getoetst door een commissie van artsen en apothekers uit de praktijk. Als die akkoord zijn vermelden we de adviezen in de databank, die wordt  geïmplementeerd in softwaresystemen. Artsen zijn verplicht om medicijnen elektronisch voor te schrijven tegenwoordig. Het systeem waarmee zij werken geeft automatisch een melding als twee middelen interacteren, of als er bijvoorbeeld een contra-indicatie is. Dit gebeurt ook in het apotheekinformatiesysteem.   Er zijn zoveel geneesmiddelen in allerlei variaties dat artsen en apothekers dat nooit allemaal kunnen weten of onthouden. Nederland is volgens mij voorloper op het gebied van elektronische medicatiebewaking. Amerika kijkt naar ons om iets dergelijks in te gaan voeren. Uitzoeken ligt me wel. Ik het bovendien waardevol werk met veel feedback uit de praktijk.’

Froukje en Rolf komen allebei uit Synodaal Gereformeerde PKN – gezinnen.   In zijn studietijd deed Rolf catechisatie bij Alida Haarman die in Hengelo woonde, lekker dicht bij Enschede dus. Sinds 2008 is hij lid van de Remonstranten. Froukje heeft zich in Hoorn aangesloten bij de Remonstranten in het Foreestenhuis. Zij volgde een gesprekskring voor twintigers en dertigers en werd lid van de gemeente.  Bij de Jonge Remonstranten hebben ze elkaar leren kennen. Ondertussen hebben ze hun dochter Lorijn gekregen die nu drie jaar is. Ze oriënteren zich zo’n beetje op Voorschoten. Lorijn gaat daar volgend jaar naar school, zij hebben zelf een kerkelijk thuis gevonden bij PKN in die plaats.

Ethische dilemma’s

Een conflict tussen geloof en wetenschap? ‘Nee hoor’, zegt Froukje, ‘geen last van! Een studievriend voorspelde me dat ik na mijn studie niet meer zou geloven. Maar dat is helemaal niet zo. Mensen kunnen gewoon niet alles verklaren en het geloof stelt andere vragen. Hoe-vragen, daar weet de wetenschap wel raad mee, maar met waarom-vragen niet.’ Rolf vertelt dat de Universiteit van Leiden een richtlijn heeft uitgegeven over wie je in je proefschrift mag bedanken en wie niet. Als je een hogere macht wilt bedanken, dan moet je de wetenschappelijk directeur eerst raadplegen. Ze vinden het allebei bizar. Froukje geeft aan dat in de werkpraktijk ethische dilemma’s wel spelen. Een medestudent wilde niet in een apotheek werken omdat ze daar dan anticonceptiemiddelen zou moeten leveren. Aan haar zelf werd in de apotheek gevraagd of zij er geen bezwaar tegen had om middelen voor euthanasie leveren. Zij moest er over nadenken, maar heeft er toch in toegestemd. ‘Bij ondraaglijk lijden moet ik een medemens toch kunnen helpen’, vond ze. Voor Rolf speelt het geloof in zijn onderzoek eigenlijk geen rol. ‘Manipulatie op celniveau staat in de wetenschap helemaal niet ter discussie, genetisch manipuleren is in die setting heel normaal. Als je proefdieren wilt gebruiken dan moet dat keurig via de ethische toetsingscommissie lopen. Froukje beaamt dit: ‘Het is lastig om tegen proefdieronderzoek te zijn in de farmaceutische wereld. Je moet die geneesmiddelen nu eenmaal testen. Maar er wordt steeds beter gekeken of die proeven wel echt nodig zijn, dat wel.’

Michel Peters
Programmamedewerker op het landelijk bureau Remonstranten

Zie ook