Iconen, verering van het vleesgeworden goddelijke

Iconen, verering van het vleesgeworden goddelijke

Mijn vader kocht, toen ik jong was, een aantal iconen als kunstobjecten. Samen gingen we naar diverse verkooptentoonstellingen en we keken er waarschijnlijk met geheel andere ogen naar. Bij mij maakten ze vooral emoties los en ik ervoer een manier om met het goddelijke in contact te komen. En daar blijken ze precies voor te zijn bedoeld. Op mijn schoorsteen prijken inmiddels ook een paar icoontjes. Wanneer ‘gewoon’ gebed geen soelaas biedt, merk ik dat het me helpt om er een kaarsje voor aan te steken en erbij stil te staan. En ik ben niet de enige.

Iconen en de kerk, een haat-liefde verhouding

Iconen, oftewel: afbeeldingen van Jezus, Maria, heiligen of hoogfeesten, werden al gemaakt door de eerste christenen in Rome. Het Oude Testament verbiedt echter gelovigen om afgoden te vereren. Sommige christenen hadden daarom ook moeite met deze afbeeldingen. Paulus verkondigde gelukkig dat christenen niet langer onder de Wet (uit het Oude Testament) vielen, maar onder de genade. Dat gaf de weg vrij naar het maken van deze afbeeldingen. Maar in de loop van de geschiedenis is er herhaaldelijk gepoogd iconen te verbieden. In 787 werd bepaald dat iconen niet mochten worden aanbeden, maar wel vereerd. Na het schisma tussen Oost en West, bleven iconen vooral bij de Oosterse kerken bestaan. Nog later moesten protestanten al helemaal niets van beelden hebben.

Venster op het goddelijke

De iconen geschilderd op houten panelen zoals wij ze kennen zijn waarschijnlijk ontstaan in de vijfde eeuw. Volgens de overlevering zouden de oudste iconen niet door mensenhanden zijn gemaakt, maar door Goddelijke ingeving. Zo zou het bekende Mandylion – portret van Jezus zijn verschenen op een doekje (mandylion betekent ‘doekje’). Bij iconen is voor de gelovigen dan ook sprake van een soort transsubstantiatie. Dat het goddelijke zich in het materiële kan openbaren is gebleken uit de komst van Jezus. Zo moeten iconen dan ook worden gezien: als venster op het goddelijke.

Rituele schilderkunst

De afbeeldingen zijn vastgelegd in een bepaalde canon. Uitsluitend deze afbeeldingen mogen worden gekopieerd. De maker dient eerst te biecht te gaan, vervolgens te vasten, zich te bezinnen en Gods zegen te krijgen alvorens aan het daadwerkelijke schilderen te kunnen beginnen. De materialen die worden gebruikt zijn hout, waarop een doek wordt gelijmd en een krijtlaag wordt gelegd om op te kunnen schilderen. De verf wordt gemaakt van eigeel, water, azijn en minerale pigmenten. Tenslotte komt er een beschermlaag van bijenwas of olie over. Ze vertegenwoordigen het mineralen-, planten- en dierenrijk. Een icoon wordt ook nooit gesigneerd, omdat men er Gods hand in ziet. Dat maakt iconen bij uitstek objecten om te vereren.

De verering

In de Oosters orthodoxe kerken worden iconen zowel thuis als in de kerk vereerd. Thuis krijgen ze een mooi plekje, vaak met bloemen en/of kaarsen er omheen. In de kerken hebben ze een zeer prominente plaats: voorin, als eyecatcher. Ik heb twee keer Pasen in een orthodox land mogen vieren, één keer in Sofia en afgelopen Pasen in Boekarest. Erg indrukwekkend. Daar was ik er steeds weer getuige van hoe de iconen worden vereerd door de gelovigen. Vóór in de kerk staat een hele wand met iconen (de iconostase) en alle voorbijgangers – jong en oud – slaan een kruis, maken een buiging en kussen vervolgens diverse iconen. Ik was best een beetje jaloers omdat ik geloofde dat ik er misschien wel hetzelfde bij ervoer, maar ik voelde mij een beetje beschaamd om deze handelingen, die mij niet eigen zijn, na te doen. Tegelijkertijd vatten ze in een paar gestes mooi samen waar iconen voor bedoeld zijn: om het Heilige te eren en via hen in contact proberen te komen met het hogere, de Eeuwige.

Vanessa Enters
Redactie AdRem, gemeentelid in Den Haag

Zie ook