Column: Ongeweten weten
Foto: Renata Barnard

Column: Ongeweten weten

Hoe heeft het zover kunnen komen: columns in AdRem met mystiek als rode draad? Het idee kwam van Joost Röselaers. Naar aanleiding van ons gesprek over zijn pinksterpreek op de afgelopen retraite van remonstrants predikanten, waarin hij een mystieke dynamiek wilde verwoorden maar daar niet de juiste taal voor leek te vinden. Dat was tenminste mijn indruk en Joost was het met mij eens. In zijn preek bracht Joost ter sprake dat we ons ego moeten loslaten, willen we ons innerlijk laten veranderen (door de goddelijke geest) en hij eindigde met de conclusie dat we onze talenten mogen ontplooien maar onszelf er niet om mogen roemen.

Nederig worden dus. We spraken er over door. Wanneer je nederigheid moraliseert dan verlies je snel de aandacht van de huidige assertieve toehoorders. Nederigheid als moraal betekent jezelf wegcijferen. Nederigheid als mystiek betekent je zelfontplooiing toevertrouwen aan een jou overstijgende innerlijke kracht. Door nederigheid in mystieke taal te verwoorden ga je spelen met de contradicties in het betoog: je onthechten aan jezelf om te worden wie je ten diepste bent door een jou overstijgende innerlijke kracht. De mystieke verwoording creëert een taalspel vol paradoxen, waardoor je tussen de woorden door gaat verstaan waar het in wezen om gaat en toch ontglipt het begrip je. Ongeweten weten, noemde men dat in de veertiende eeuw. Intuïtief aanvoelen, zouden we nu zeggen. Omdat mystiek eigenlijk niet goed rechtuit gezegd kan worden; het is voorbij woorden. Sommige mensen vinden dat vaag, maar Joost voelde dit heel goed aan, zoals hij zei: ‘er zit waarheid in, maar ik begrijp het nog niet.’

Petra Galama, 
geestelijk verzorger Amphia ziekenhuis

Zie ook