Column Op een klein stationnetje
Foto: Rob Dammers

Column Op een klein stationnetje

Zondagmorgen is een spannende ochtend voor veel dominees. In de eerste plaats natuurlijk omdat je maar moet afwachten of de preek die je met noeste arbeid in elkaar hebt gezet ontvangen wordt zoals je hebt bedacht, maar zeker ook of je de kerk wel op tijd zult bereiken. Zondagmorgen is namelijk ook voor de Nederlandse Spoorwegen een spannende ochtend. Het zijn vaak de eerste treinen van de dag die mij met preek en liturgie naar een kerk ergens in remonstrantenland moeten brengen. En dat gaat vaak mis.

Zo ook op weg naar een kerkje in het Oosten van het land. Het is een prachtige ochtend, maar de trein heeft bij vertrek uit Amsterdam al problemen. Bij Utrecht lijken alle problemen inmiddels samen te komen in mijn treinstel en vertrekken we inmiddels met een vertraging van een half uur. Ik ga mijn aansluiting op Ede-Wageningen zo niet halen. Maar daar is godzijdank de conducteur. ‘Goedemorgen!’ zegt hij opgewekt. Ik groet vriendelijk terug om er achteraan te plakken: ‘Maar meneer de conducteur, hoe komt deze dominee vanochtend nu toch in godsnaam op tijd op zijn preekstoel?!’ Dat vindt de conducteur een spannende uitdaging. Tot twee keer toe komt hij terug met tips voor mijn overstap op Arnhem: ‘Geen koffie halen, maar gelijk doorrennen naar spoor 9! Dan haal je net de trein terug!’, zegt hij streng.

Maar hij komt nog een derde keer terug en zegt zachtjes: ‘Dominee, pakt u uw spullen maar even!’ De enorme intercity mindert vaart en stopt op het piepkleine stationnetje waar de intercity niet eens op past. Mijn deur gaat open en de conducteur zegt: ‘Goede dienst, dominee!’ De deuren gaan dicht en de trein vervolgt zijn reis. Ik ook, maar dan naar de kerk waar ik keurig op tijd kan beginnen. Met de onvergetelijke woorden: ‘Gemeente, ik kan u helaas niet beloven dat God bestaat, maar zijn goedheid is zeker aanwezig in de mens!’

Jan Berkvens
Voorganger bij jongerengemeente Arminius en Oude Wetering

Zie ook