Omzien naar elkaar, na veertig jaar
Afbeelding: Roos Vonk

Omzien naar elkaar, na veertig jaar

Het vertrouwen van de burgers in de overheid staat onder druk omdat de overheid de burger beschouwt als ‘homo economicus’ en hem daarom als klant van een onzichtbare en onpersoonlijke overheid benadert. Degenen die aan de kant staan, verliezen alle vertrouwen in de overheid als de partij die naast hen staat en voor hen opkomt. Het tij kan alleen gekeerd worden door een overheid die politieke keuzes op een ander mensbeeld baseert, stelt Wim-Jan Renkema (1968). Hij was lid van de Tweede Kamer voor GroenLinks van 2018 tot 2021 en landelijk vriend van de Remonstranten.

Wij leven in een tijd waarin het vertrouwen van burgers in de politiek enorm onder druk staat. Voor een deel door de overheidsmaatregelen in de huidige pandemie. Maar los van het virus is er sprake van een diep sentiment van ‘niet gezien worden’. In de toeslagenaffaire werden duizenden ouders op voorhand beschuldigd op basis van hun achternaam. De Groningers worden keer op keer teleurgesteld in de manier waarop de overheid met hen omgaat. Mensen in de bijstand worden verdacht van fraude en krijgen harde sancties. Zij kunnen nergens terecht.

Burger als klant van technocratische overheid

Het zijn symptomen van een politiek die is geworteld in het mensbeeld van de ‘homo economicus’. De mens die eerst en vooral uit is op bevrediging van de eigen behoeften. In dat mensbeeld zijn burgers vooral via financiële prikkels te sturen. De burger als klant van een onzichtbare, onpersoonlijke overheid. Een technocratische overheid die je bevingsschade compenseert via een ICT-portaal (mits je op tijd bent) en je uitkering terugvordert met een aangetekende brief.

Voor succesvolle mensen in onze samenleving is dit beleid niet erg schadelijk. Zij betalen belasting (maar niet te veel!), rijden een gesubsidieerde elektrische leaseauto en schenken geld aan hun kinderen. Maar zij die aan de kant staan, verliezen alle vertrouwen in de overheid als de partij die naast hen staat en voor hen opkomt. De maatschappelijke en sociaaleconomische ongelijkheid tussen de ‘winnaars’ en ‘verliezers’ neemt alleen maar toe.  In ‘De tirannie van verdienste’ (2020) beschrijft de Amerikaanse filosoof Sandel hoe deze tweedeling het functioneren van onze democratie bedreigt. Hij stelt dat de vlucht naar populistische partijen – soms links maar vaker rechts – samenhangt met het gebrek aan respect en waardering dat vele groepen in onze samenleving ervaren.

Politiek baseren op ander mensbeeld

Hoe het tij te keren? Ik denk dat dat alleen kan door politieke keuzes te baseren op een ander mensbeeld. Een mensbeeld dat uitgaat van vertrouwen. Een mensbeeld dat uitgaat van de waardigheid van eeníeder.

Het motto van Rutte IV is ‘Omzien naar elkaar’. Dat is bij uitstek een christelijke waarde, die overigens ook in andere religies vindbaar is. Het was precies veertig jaar geleden ook de titel van het verkiezingsprogramma van de Evangelische Volkspartij, een progressief-christelijke partij die opging in GroenLinks. Ik hoop van harte dat het nieuwe kabinet handen en voeten weet te geven aan dat ‘omzien’. Als mensen echt worden gezien, ervaren én schenken zij vertrouwen.

Wim-Jan Renkema
Lid van de Tweede Kamer voor GroenLinks van 2018 tot 2021. Hij was woordvoerder SZW en VWS.

Zie ook