Remonstrantse visies op de politiek
Foto: Marjolein van Panhuys

Remonstrantse visies op de politiek

In het maartnummer van AdRem spreken dertien remonstranten over de toekomst. Wat een verscheidenheid! Maar is er ook eenheid? Wibren van der Burg (1959), hoogleraar aan de Erasmus School of Law, las alle bijdragen in de serie over ‘Visie op de toekomst’ en trekt in dit artikel conclusies.

Eenheid natuurlijk niet in de zin dat ze allemaal voor dezelfde partij kiezen. Remonstranten stemmen op allerlei partijen. In de tijd van de verzuiling lag dat nog anders. Vrijzinnigen waren geen voorstander van partijen, scholen of ziekenhuizen op confessionele basis. Ze stemden dan ook links of rechts, maar zelden op confessionele partijen, met uitzondering van de Christelijk-Historische Unie. Dat is intussen veranderd; remonstranten zitten nu ook bij het CDA – zelfs als lijsttrekker! – en doceren aan christelijke scholen. Die verandering is deels gevolg van de ontzuiling: het confessioneel karakter van partijen en scholen is minder uitgesproken geworden. Maar het komt ook door de toestroom van nieuwe leden en vrienden uit andere kerken en tradities. Remonstranten zijn nu echt verspreid over het hele spectrum – ook al vermoed ik dat ze bij de SGP nog ondervertegenwoordigd zijn.

Gezamenlijk politiek profiel?

Een grote verscheidenheid in partijpolitiek opzicht dus, maar is er dan misschien een gezamenlijk politiek profiel uit de bijdragen te halen? Ik zie vooral een herkenbaar vrijzinnige ondertoon in pleidooien voor andere manieren om politiek te bedrijven en om als mensen met elkaar om te gaan. Dat resoneert met vrijzinnige noties rond verantwoordelijkheid, verdraagzaamheid, dialoog, gelijkheid en mensenrechten. Maak de met de mond beleden gelijkheid van man en vrouw ook waar in inclusieve onderhandelingen. Zorg dat kinderen en studenten in het onderwijs zich leren inleven in de ander en een echte dialoog aangaan. Zie écht om naar andere mensen, en vooral naar de minder succesvolle mensen in de samenleving die zich onvoldoende gewaardeerd voelen. Voer met boeren een open gesprek. Overleg met ouderen over hoe hun laatste levensfase eruit gaat zien. Versterk de bescherming van grondrechten. En ga binnen de kerk in gesprek over maatschappelijke thema’s en politiek en in de politiek over waarden en mensbeelden.

Omslag in mensbeeld

Bij de nadruk op vrijheid en verantwoordelijkheid past een omslag in het mensbeeld. De overheid moet mensen niet behandelen als lastige klant of als mogelijke fraudeur, maar als burgers: als mensen die vertrouwen verdienen en die mee verantwoordelijkheid kunnen dragen voor de ‘herombouw’ van de samenleving. Daarbij hoort overigens ook dat wij als burgers onze verantwoordelijkheid nemen, in plaats van ons alleen als klagende consumenten of kritische protestgroep op te stellen waarvoor het nooit goed genoeg kan zijn.

In het verlengde van die vrijzinnige visie op verantwoordelijkheid past de oproep om kunstenaars niet lastig te vallen met goed bedoeld beleid, maar ze echte vrijheid te geven. Geef boeren de ruimte om te doen waar zij goed in zijn en waar ze passie voor hebben. Zorg dat het beleid stabiel is en niet voortdurend verandert, zodat burgers van de overheid op aan kunnen. En breng kinderen ook begrip voor anderen en verantwoordelijkheid bij.

Proefnummer AdRem, remonstrants magazine

Vraag nu een proefnummer aan van AdRem, het remonstrantse magazine!

Geen extra voorwaarden voor universiteiten

Ik herken dat van mijn eigen werkomgeving, de universiteit – om nog een ander beleidsterrein te belichten. Universiteiten zijn de afgelopen decennia steeds weer met nieuwe beleidshobby’s geconfronteerd en dat betekende bijna altijd de noodzaak om weer nieuwe plannen te schrijven, te beoordelen, te verantwoorden enzovoort. Dat werd dan ook nog gecombineerd met sluipende bezuinigingen. Het gevolg: professionals komen te weinig toe aan de primaire processen van onderwijs en onderzoek omdat ze steeds meer tijd kwijt zijn aan plannen, registreren en verantwoorden. Ook professionals in de zorg kampen met een overkill (letterlijk) aan protocollen, formulieren en meetinstrumenten. Mijn eigen hartenkreet is dan ook dat de nieuwe ministers voor Onderwijs het extra geld – op zich prachtig dat dat er eindelijk komt! – rechtstreeks aan de universiteiten en scholen geven zonder weer allerlei extra voorwaarden.  Dit is een algemener punt: laat kunstenaars, wetenschappers, docenten, huisartsen en andere professionals hun primaire taken doen zonder de rompslomp van uitgebreide controle en verantwoording. Ga weer uit van vertrouwen in professionals en burgers.

Vrede, gerechtigheid en behoud van de schepping

Bij nader inzien is er ook een inhoudelijke eenheid in de bijdragen: de bekende oecumenische thema’s van vrede, gerechtigheid en behoud van de schepping. Zoals aandacht voor boeren en kunstenaars die te weinig verdienen. Voor mensen die zich speelbal voelen van bureaucratie en zwalkend beleid. Zorg voor de zwakkeren, voor ouderen, voor jongeren kampend met depressies en te lange wachtlijsten, voor mensen die ongezond eten of verslaafd zijn aan alcohol. Wat me het meest treft in de bijdragen is het gedeelde besef van ernstige crises en de behoefte aan lef en visie. Voorbeelden zijn de klimaatcrisis, de stikstofcrisis en de woningbouwcrisis, de afhandeling van de aardbevingsschade en de toeslagenaffaire en de tweedeling in de samenleving. Bij elk ervan is er een onderliggende vertrouwenscrisis. Niet alleen de technocratische overheid heeft veel vertrouwen verloren, maar ook de elite en de media. Ook het onderling vertrouwen tussen burgers lijkt af te nemen. Er is dus veel werk aan de winkel; gelukkig is daarvoor veel geld uitgetrokken. Maar geld is niet genoeg. Het komt er nu op aan dat er ook echt een nieuw beleid wordt ontwikkeld en consistent uitgevoerd.

Consistent beleid en besef van gemeenschappelijkheid

Dat is de afgelopen jaren te vaak schoorvoetend of niet gebeurd. Aan de normen voor stikstof- en CO2 uitstoot werd met allerlei trucjes voldaan – tot de rechter er doorheen prikte. De al jaren bepleite ingrijpende herziening van het onrechtvaardige en ondoelmatige belastingstelsel is steeds voor ons uit geschoven, maar zal er nu toch eindelijk moeten komen, opnieuw omdat de rechter de staat hiertoe dwingt. Het beleid rond de boeren is te weinig consistent en te laat geweest, en wordt nu vooral gekenmerkt door paniekvoetbal, angst voor buitenparlementaire actie – en angst voor de rechter.

Maar met geld en nieuw beleid zijn we er nog niet, en dat klinkt ook door in verschillende bijdragen. We zullen op een andere manier met elkaar moeten omgaan, als overheid en burgers, maar ook als burgers onderling. We hebben bezinning nodig en visie, en een nieuw besef van gemeenschappelijkheid. Ik denk dat ook versterking van de Grondwet daarbij kan helpen. Als gedeeld uitgangspunt waarvan alle burgers en bestuurders het gezag erkennen, maar waar we ons ook in herkennen, omdat het symboliseert dat overheid en burgers elkaar respecteren en waarderen in een democratische rechtsstaat.

Herkenbare toekomstvisie

Over de ontwikkeling van die visie gaan ook de bijdragen van de theologen Meijering en Röselaers. Meijering vindt dat de grote vragen van gerechtigheid ook op de kansel aan de orde moeten komen. Röselaers vindt dat ook, maar noemt dat geen politiek. Hij voegt toe dat er meer kansel in de politiek moet zijn. Ik ben het met beide eens. Een gemeenschappelijke lijn in veel bijdragen is dat de politiek te technocratisch is, te weinig lef toont, en te weinig visie uitdraagt. Maar technocratische politiek zonder achterliggende visie leidt tot een verarming van politiek en samenleving, tot minder samenhang en tot afnemend vertrouwen. In deze tijden van crises moeten bestuurders meer doen dan op de winkel passen en naar kortetermijnoplossingen zoeken; ze dienen een herkenbare toekomstvisie hebben waar het met het land heen moet. Juist rond die visies, de achterliggende waarden en de mensbeelden zouden we als samenleving het gesprek moeten aangaan. Daarbij kunnen en moeten ook de kerken een rol spelen. Een mooie opdracht, ook aan ons als Remonstranten.

Wibren van der Burg
hoogleraar aan de Erasmus School of Law, remonstrant in Utrecht

Zie ook